ECLI:NL:RBAMS:2012:BY0763
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- M. Singeling
- T.P.J. de Graaf
- I.W. Neleman
- Rechtspraak.nl
Bevestiging gebiedsverbod voor dealeroverlast ondanks geseponeerde strafzaak
Eiser werd op grond van artikel 2.9A van de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) een gebiedsverbod opgelegd voor het dealeroverlastgebied DOG 1.1 in Amsterdam, wegens overtreding van artikel 2.7, tweede lid, van de APV. Dit volgde op een proces-verbaal van 13 maart 2011 waarin werd vastgesteld dat eiser zich op de openbare weg ophield met het voornemen om verdovende middelen te verkopen, waaronder een bolletje met een op cocaïne gelijkende stof.
Eiser voerde aan dat de APV-artikelen onverbindend zijn omdat de Opiumwet reeds het bezit en de verkoop van drugs verbiedt, en dat de strafzaak tegen hem was geseponeerd. De rechtbank oordeelde echter dat de APV zich richt op het voorkomen van aanwezigheid met het oog op verkoop, niet op de verkoop zelf, en dat het gebiedsverbod een eigen bestuursrechtelijke maatregel is die losstaat van strafrechtelijke vervolging.
De rechtbank stelde vast dat de openbare orde ernstig wordt verstoord door straathandel in drugs en dat het gebiedsverbod een proportionele maatregel is om deze overlast te bestrijden. Het feit dat de strafzaak geseponeerd is, doet niet af aan de bevoegdheid van de burgemeester om het verbod op te leggen. De rechtbank verwierp het beroep en handhaafde het gebiedsverbod.
Uitkomst: Het beroep tegen het gebiedsverbod wegens dealeroverlast wordt ongegrond verklaard en het verbod blijft van kracht.