ECLI:NL:RBAMS:2012:BY2211
Rechtbank Amsterdam
- Wraking
- J.A.J. Peeters
- N.C.H. Blankevoort
- C.L.J.M. de Waal
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot wraking rechtbank Amsterdam niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan feiten over vooringenomenheid
Verzoeker heeft een verzoek tot wraking ingediend tegen individuele rechters van de rechtbank Amsterdam, met name de rolrechter die de zaak op 13 maart 2012 zou behandelen. Dit verzoek is gedaan omdat verzoeker meent dat er sprake is van vooringenomenheid jegens hem.
De wrakingskamer heeft het verzoek getoetst aan artikel 36 van Pro het Wetboek van burgerlijke rechtsvordering, dat bepaalt dat een rechter kan worden gewraakt op grond van feiten en omstandigheden die de onpartijdigheid in gevaar brengen. Verzoeker heeft echter niet concreet aangegeven welke feiten of omstandigheden deze vermeende vooringenomenheid ondersteunen.
Verder is overwogen dat het feit dat een eerdere strafzaak van verzoeker door een andere rechtbank werd behandeld om schijn van vooringenomenheid te vermijden, niet betekent dat er nu sprake is van objectieve vooringenomenheid jegens de rechters van de rechtbank Amsterdam.
De wrakingskamer oordeelt dat verzoeker misbruik maakt van de wrakingsmogelijkheid door zonder gegronde aanwijzingen te stellen dat alle rechters van de rechtbank Amsterdam vooringenomen zijn. Daarom wordt het verzoek niet-ontvankelijk verklaard en wordt bepaald dat een volgend wrakingsverzoek in deze zaak niet wordt behandeld.
Tegen deze beslissing is geen voorziening mogelijk op grond van artikel 39 lid 5 Rv Pro.
Uitkomst: Het verzoek tot wraking wordt niet-ontvankelijk verklaard en een volgend wrakingsverzoek wordt niet in behandeling genomen.