ECLI:NL:RBAMS:2012:BY5397
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling wegens verblijf als ongewenst vreemdeling ondanks inspanningen tot vertrek
De rechtbank Amsterdam heeft verdachte veroordeeld voor het op 21 juli 2012 als vreemdeling in Nederland verblijven terwijl hij wist dat hij tot ongewenst vreemdeling was verklaard. Verdachte werd vrijgesproken van de overige ten laste gelegde feiten, waaronder handel en bezit van heroïne en het gebruik van geld afkomstig uit een misdrijf.
De verdediging voerde een beroep op overmacht aan, stellende dat verdachte alles had gedaan om Nederland te verlaten en terug te keren naar Algerije. Dit verweer werd verworpen omdat verdachte niet alles wat redelijkerwijs mogelijk was in het werk had gesteld om te vertrekken. Verdachte had meerdere keren geweigerd mee te werken aan terugkeer en had onjuiste gegevens verstrekt.
De rechtbank oordeelde dat het opzettelijk verblijf in strijd met de vreemdelingenwetgeving een ernstig delict is en hield rekening met eerdere veroordelingen van verdachte voor hetzelfde artikel. Gezien de ernst en recidive werd een gevangenisstraf van zes maanden opgelegd, waarbij de tijd in voorarrest in mindering werd gebracht.
De in beslag genomen geldbedragen werden aan verdachte teruggegeven. Het vonnis werd gewezen door de meervoudige strafkamer van de rechtbank Amsterdam op 25 oktober 2012.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot zes maanden gevangenisstraf wegens verblijf als ongewenst vreemdeling ondanks onvoldoende inspanningen tot vertrek.