Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
- had(den) gestropt door één gat van die damwandplank, en/of
- aan één hijsstrop had(den) verbonden aan een hijslier, en/of
- had(den) gehesen en/of getrokken middels één strop, en/of
- had(den) gestropt door een gat van die damwandplank terwijl de afstand van de bovenkant van dat gat tot de bovenkant van die damwandplank niet minimaal 1,2 maal de diameter van dat gat was, en/of
- had(den) gehesen en/of getrokken terwijl er een te hoge belasting op het gat van die damwandplank stond, (mede) waardoor die damwandplank (uit een kraan) viel op een auto welke door [persoon 1] werd bestuurd,
3.Voorvragen
4.Vrijspraak
(medeverdachte van het aan verdachte ten laste gelegde feit, hierna: [vennootschap 1])als onderaannemer in opdracht van [vennootschap 2]
(hierna: [vennootschap 2])aan het werk bij het deelproject van de Noord/Zuidlijn langs de Nieuwe Leeuwarderweg te Amsterdam waar een tunnel werd aangelegd.
(medeverdachte van het aan verdachte ten laste gelegde feit, hierna: de machinist)en de [functie] [verdachte]
(hierna: verdachte),ingezet.
(hierna: werkplan 2007)dat is opgesteld door [vennootschap 2], blijkt dat het vallen van stalen damwanden op die voor het verkeer openstaande weg als één van de risico’s is onderkend:
‘Bij het verwijderen van de stalen damwandplanken bestaat het gevaar dat de planken tijdens het trekken, hijsen en strijken vallen. De Leeuwarderweg (de rechtbank begrijpt: de Nieuwe Leeuwarderweg) ligt binnen het valbereik van de damwandplanken.’
(het zogenoemde ‘vlees’)minimaal 1,2 maal de diameter van het hijsgat moet zijn. [vennootschap 1] was hier samen met [vennootschap 2] verantwoordelijk voor.