ECLI:NL:RBAMS:2013:BZ8980
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Bezit van kinderpornografisch materiaal met bewuste vastlegging en overschrijding redelijke termijn
De rechtbank Amsterdam heeft op 29 april 2013 uitspraak gedaan in de zaak tegen verdachte die werd beschuldigd van bezit van kinderpornografisch materiaal in de periode van mei 2007 tot oktober 2007. De tenlastelegging betrof 22 foto’s en 12 films, waarvan uiteindelijk slechts twee films bewezen werden als bewust in bezit van verdachte.
De verdediging voerde onder meer aan dat het bewijs onvoldoende was en dat verdachte zich niet bewust was van de aanwezigheid van de bestanden. De rechtbank oordeelde dat voor bezit van digitale kinderpornografie een bewuste vastlegging en beschikkingsmacht vereist is. Voor een deel van de beelden kon dit niet worden vastgesteld, waardoor verdachte daarvan werd vrijgesproken.
Voor de twee films die in een specifieke map op de computer van verdachte werden gevonden, achtte de rechtbank het bezit bewezen, mede omdat deze films ook bekeken waren. De verklaring dat anderen de bestanden op de computer hadden gezet, werd verworpen.
De rechtbank erkende een ernstige overschrijding van de redelijke termijn, waardoor de straf werd gematigd tot een taakstraf van 20 uur met een proeftijd van 2 jaar en een vervangende hechtenis van 10 dagen bij niet-naleving. Hiermee werd een lagere straf opgelegd dan de officier van justitie had geëist.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 20 uur taakstraf wegens bezit van twee kinderpornografische films, met vrijspraak voor overige beelden en strafvermindering vanwege overschrijding redelijke termijn.