ECLI:NL:RBAMS:2013:CA3783
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- W.H. van Benthem
- H.P. Kijlstra
- P. Rodenburg
- Rechtspraak.nl
Gedeeltelijke toestemming overlevering naar Polen wegens strafbare feiten exclusief belediging
De rechtbank Amsterdam behandelde op 9 april 2013 een vordering tot overlevering van een Poolse verdachte op grond van een Europees aanhoudingsbevel (EAB) uitgevaardigd door de District Court Judge in Bielsko Biala, Polen. De verdachte wordt verdacht van meerdere feiten waarvoor hij in Polen is veroordeeld tot gevangenisstraffen van respectievelijk 1 jaar en 6 maanden en 10 maanden.
De rechtbank onderzocht de identiteit van de verdachte en de inhoud van het EAB, en concludeerde dat de weigeringsgrond van artikel 12 Overleveringswet Pro (OLW), die ziet op het niet correct kenbaar maken van de uitspraak, niet van toepassing was. De verdachte was persoonlijk opgeroepen en op de hoogte gesteld van de zitting.
De rechtbank beoordeelde vervolgens de dubbele strafbaarheid van de feiten. Voor het feit van belediging van verbalisanten op 29 november 2005 was in Nederland geen vrijheidsstraf met een minimumstraf van twaalf maanden gesteld, waardoor overlevering voor dit feit werd geweigerd. Voor de overige feiten, waaronder wederspannigheid, opzettelijke beschadiging van eigendom en bedreiging, was aan de dubbele strafbaarheid voldaan en werd overlevering toegestaan.
De rechtbank besloot de overlevering toe te staan voor het gedeelte van de straf dat betrekking heeft op de overige feiten en te weigeren voor het gedeelte dat betrekking heeft op de belediging. De beoordeling van de precieze strafuitvoering is aan de Poolse autoriteiten na overlevering. Tegen deze uitspraak is geen gewoon rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: Overlevering naar Polen wordt toegestaan voor de meeste feiten, maar geweigerd voor het feit van belediging vanwege onvoldoende strafmaximum in Nederland.