ECLI:NL:RBAMS:2014:4880
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens ontbreken nauwe en bewuste samenwerking bij openlijk geweldplegen
Op 24 december 2011 vond een incident plaats waarbij twee groepen betrokken waren en waarbij personen uit beide groepen geweldshandelingen verrichtten. Slachtoffers liepen letsel op. Verdachte werd beschuldigd van openlijk geweldplegen samen met anderen. Uit getuigenverklaringen bleek dat verdachte en zijn medeverdachten niet gelijktijdig aanwezig waren en dat verdachte geen actieve of ondersteunende rol had tijdens de geweldshandelingen van zijn medeverdachten.
De rechtbank oordeelde dat de vereiste nauwe en bewuste samenwerking tussen verdachte en zijn medeverdachten ontbrak. Er was geen bewijs van overleg of hulpvragen tussen verdachte en de medeverdachten tijdens het incident. Hierdoor kon niet bewezen worden dat verdachte openlijk geweld in vereniging had gepleegd.
Omdat mishandeling niet ten laste was gelegd, kwam de rechtbank niet toe aan beoordeling daarvan. De benadeelde partij werd niet-ontvankelijk verklaard in zijn vordering, aangezien verdachte werd vrijgesproken en geen straf of maatregel werd opgelegd. De benadeelde partij kan zijn vordering bij de burgerlijke rechter aanbrengen.
De rechtbank sprak verdachte vrij van het ten laste gelegde feit openlijk geweldplegen in vereniging en verklaarde de benadeelde partij niet-ontvankelijk in zijn vordering.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van openlijk geweldplegen wegens ontbreken van nauwe en bewuste samenwerking met medeverdachten.