Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
zij op één of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 1 november 2005 tot en met 24 maart 2009 januari te Bussum en/of Beverwijk en/of Almere en/of Hilversum en/of (elders) in Nederland
2. zij op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 1 maart 2004 tot en met 29 maart 2004 te Amsterdam en/of De Meern en/of Heerhugowaard, in elk geval in Nederland,
3.Voorvragen
4.Waardering van het bewijs
- dat Palm Invest in iedere emissie die zij uitgeeft een eigen kapitaal van 20% eigen vermogen plaatst;
- dat de eigen aandeelhouders voor 20% eigen vermogen zorgen;
- dat op het moment dat Palm Invest vastgoed aankoopt in Dubai alles kadastraal wordt ingeschreven;
- dat Palm Invest daarnaast de eerste hypotheekakte aan een stichting geeft zodat de obligatiehouders, die ook bij de stichting worden ingeschreven, de rechten van de eerste hypotheken hebben;
- en dat de markt in Dubai de afgelopen 4 jaar een rendement heeft gegeven van tussen de 15 en 20%.
- Obligaties worden uitgegeven in eenheden van € 1.000, - met als minimum € 50.000, -;
- De investeerder ontvangt een vaste rente van 9% per jaar (0,75% per maand);
- De rente wordt maandelijks uitgekeerd;
- De looptijd is 3 jaar;
- De emissiekosten bedragen 3%;
- Een onafhankelijke stichting beheert de zekerheden van de door de belegger gedane investering;
- 20% van het totale obligatiefonds is door Palm Invest als eigen vermogen ingebracht. Dit eigen vermogen is achtergesteld t.o.v. de obligatiehouder.
bijlage Ivan dit vonnis zijn opgenomen, is de rechtbank van oordeel dat kan worden bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het schuldwitwassen van meerdere geldbedragen van in totaal € 36.500, -, maar dat verdachte moet worden vrijgesproken van het onder 1 primair ten laste gelegde en het verder onder 1 subsidiair ten laste gelegde. De rechtbank overweegt daartoe het volgende.
bijlage Ivan dit vonnis zijn opgenomen, is de rechtbank van oordeel dat kan worden bewezen dat verdachte opzettelijk gebruik heeft gemaakt van de valse geschriften, die onder 2 aan haar zijn ten laste gelegd.
5.Bewezenverklaring
bijlage Ivervatte bewijsmiddelen en de in
rubriek 4vervatte bewijsoverwegingen het volgende bewezen
1 subsidiairten laste gelegde, te weten dat verdachte:
2ten laste gelegde, te weten dat verdachte:
1. modelwerkgeversverklaring van [onderneming 1] gedateerd 1 maart 2004 (D-1218) en
2. salarisspecificatie van [onderneming 1] over de maand februari 2004(D-1219),
6.De strafbaarheid van de feiten
7.De strafbaarheid van verdachte
8.Motivering van de straf
9.Toepasselijke wettelijke voorschriften
10.Beslissing
1 primairten laste gelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij.
1 subsidiairen
2ten laste gelegde heeft begaan zoals hiervoor in rubriek 5 is vermeld.
[verdachte], daarvoor strafbaar.
200 (tweehonderd) uren, met bevel, voor het geval dat de verdachte de taakstraf niet naar behoren heeft verricht, dat vervangende hechtenis zal worden toegepast van 100 (honderd) dagen.