Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
beschikking van de kantonrechter
de stichting Stichting Amsterdam Museum
[verweerster]
VERLOOP VAN DE PROCEDURE
GRONDEN VAN DE BESLISSING
Uitgangspunten
Verzoek
Verweer
Beoordeling
Ontvankelijkheid/toepasselijk recht
Inhoudelijke beoordeling
noodzakelijkwijsmoeten komen te vervallen. Voorop staat dat er nog slechts twee rondleiders in dienstverband zijn tegenover vijftien rondleiders die als zelfstandige werkzaam zijn. Amsterdam Museum zal geen rondleiders in dienstverband meer aannemen. Dit betekent dat een deel van de argumentatie waarom de functie van rondleider in dienstverband moet komen te vervallen, niet meer actueel is. [verweerster] wordt voor een vast aantal uren per jaar (minimaal 216) zoveel mogelijk vast ingeroosterd zodat de problematiek van het nul-urencontract niet (meer) speelt of zal gaan spelen (zoals genoemd zijn het minimum vaste uren waar een werknemer aanspraak op maakt of de beloning voor oproepen van minder dan drie uur die tegen drie uur verloond moeten worden).
zoals het onnodig vervangen van vaste werknemers door flexibele werknemers(MvT 33 818 p. 43/44; cursivering kantonrechter). De kantonrechter meent dat dit ook geldt voor de vervanging van werknemers door ZZP-ers. Het verweer dat van vervanging geen sprake is in verband met een terugloop van de werkzaamheden wordt verworpen. Hiervoor is al overwogen dat Amsterdam Museum als goed werkgever gehouden is de werkzaamheden eerst aan haar (twee) werknemers aan te bieden. Ter zake van deze werkzaamheden zullen de rondleiders in dienstverband wanneer de visie van Amsterdam Museum wordt gevolgd, vervangen worden door ZZP-ers. Dit is een uit sociaal oogpunt in beginsel onwenselijke vervanging. Het enkele feit dat [verweerster] – kort gezegd – meer kost dan dat het oplevert, moet niet noodzakelijkerwijs tot het verval van haar arbeidsplaats leiden. Gelet voorts op het feit dat de activiteit van het geven van rondleidingen wordt voortgezet en per saldo niet verliesgevend is, er verder geen rondleiders in dienstverband bijkomen (uitsterfbeleid) waardoor ook de geschetste problematiek met betrekking tot nulurencontracten niet zal spelen, gelet op het lange dienstverband van [verweerster] en het feit dat [verweerster] binnen afzienbare tijd de pensioen- of AOW-gerechtigde leeftijd zal behalen, dient bij een belangenafweging het belang van [verweerster] voor het behoud van haar arbeidsovereenkomst als rondleider te prevaleren boven dat van Amsterdam Museum.