Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 12 januari 2016 in de zaak tussen
[eiseres] , te [woonplaats] , eiseres
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
.De beslissing is in het openbaar uitgesproken op
Rechtbank Amsterdam
Eiseres, werkzaam op uitzendbasis via twee verschillende uitzendbureaus bij dezelfde organisatie, maakte bezwaar tegen de vaststelling van haar dagloon voor de Ziektewet (ZW) en Wet arbeid en zorg (Wazo). Verweerder had het dagloon vastgesteld op € 8,64, gebaseerd op het loon uit de laatste dienstbetrekking in het refertejaar, terwijl eiseres stelde dat ook het loon uit de eerdere dienstbetrekking meegenomen had moeten worden.
De rechtbank overwoog dat de wetgever bewust heeft gekozen voor een systematiek waarbij alleen het loon uit de dienstbetrekking waaruit de ziekte is ontstaan, wordt betrokken bij de dagloonberekening. Dit is neergelegd in het Dagloonbesluit werknemersverzekeringen en de ZW en Wazo kennen geen hardheidsclausule. De situatie van wisselende uitzendbureaus betekent dat sprake is van verschillende dienstbetrekkingen, ook al werkt eiseres bij dezelfde organisatie.
Eiseres' beroep dat verweerder analoog artikel 3, tweede lid, van het Dagloonbesluit had moeten toepassen, werd verworpen omdat niet voldaan was aan de voorwaarden voor opvolgende dienstbetrekkingen bij dezelfde werkgever. Ook de stelling dat opgenomen vakantiedagen invloed hadden op de dagloonberekening werd niet gevolgd. De rechtbank concludeerde dat het dagloon terecht was vastgesteld en verklaarde de beroepen ongegrond.
Uitkomst: De rechtbank verklaart de beroepen ongegrond en bevestigt de dagloonberekening van € 8,64.