Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 21 juni 2016 in de zaak tussen
[de man] , te Amsterdam, eiser
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
.
Rechtbank Amsterdam
Eiser was sinds 2002 werkzaam als hotelmedewerker en werd op staande voet ontslagen nadat een gast meldde dat er geld ontbrak uit haar hotelkamer. Uit het elektronische slot bleek dat eiser de kamer tweemaal had geopend zonder toestemming, terwijl hij dienst had in de ontbijtzaal. Eiser ontkende diefstal en stelde dat hij servicegericht handelde, maar gaf tegenstrijdige verklaringen over het openen van de kamer.
De kantonrechter oordeelde dat er geen bewijs was voor diefstal, maar dat het ongeoorloofd openen van de kamer een dringende reden voor ontslag vormde. De rechtbank bevestigde dit oordeel en benadrukte dat eiser geen geldige reden had om de kamer zonder toestemming te betreden, ook niet op verzoek van een onbekende gast. De verklaringen van eiser werden als ongeloofwaardig beoordeeld.
Gelet op het ernstige verlies van vertrouwen en de aard van de gedragingen, concludeerde de rechtbank dat het ontslag gerechtvaardigd was en dat verweerder het voorschot WW-uitkering terecht had geweigerd. Het beroep van eiser werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen de weigering van het voorschot op de WW-uitkering wordt ongegrond verklaard wegens dringende reden voor ontslag.