ECLI:NL:RBAMS:2016:5375
Rechtbank Amsterdam
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Schorsing van ambtenaar zonder bezoldiging wegens verdenking van ambtelijke corruptie
In deze zaak heeft de voorzieningenrechter van de Rechtbank Amsterdam op 19 augustus 2016 uitspraak gedaan in een verzoek om een voorlopige voorziening. Verzoeker, een ambtenaar werkzaam bij de gemeente Amsterdam, was in maart 2016 geschorst na verdenking van ambtelijke corruptie. Aanvankelijk was deze schorsing met behoud van salaris, maar met een later besluit werd deze omgezet naar een schorsing zonder salaris. Verzoeker heeft hiertegen bezwaar gemaakt en verzocht om een voorlopige voorziening, omdat hij van mening was dat de omzetting van de schorsing onterecht was. De voorzieningenrechter heeft onderzocht of er sprake was van een spoedeisend belang en of de schorsing zonder salaris rechtmatig was. De voorzieningenrechter oordeelde dat er geen strafrechtelijke vervolging was ingesteld, zoals vereist door de Nieuwe Rechtspositieregeling Gemeente Amsterdam (NRGA) voor een schorsing zonder salaris. De voorzieningenrechter heeft daarom het bestreden besluit geschorst en verweerder veroordeeld in de proceskosten van verzoeker. De uitspraak benadrukt de noodzaak van een substantiële verdenking en de vereisten voor schorsing van ambtenaren in het kader van de NRGA.