ECLI:NL:RBAMS:2017:3537
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Intrekking Verklaring van Geen Bezwaar na nieuw veiligheidsonderzoek door AIVD
Eiser ontving aanvankelijk een Verklaring van Geen Bezwaar (VGB) na een veiligheidsonderzoek door de AIVD, waardoor hij op Schiphol kon werken. Na bekendwording van nieuwe feiten verrichtte de AIVD een aanvullend onderzoek. Dit leidde tot de conclusie dat eiser een verhoogd risico liep op ongewenste beïnvloeding en mogelijk staatsgevaarlijke activiteiten, waarop de VGB werd ingetrokken.
Eiser voerde aan dat het besluit onvoldoende was gemotiveerd en dat hij zich daardoor niet goed kon verweren, mede vanwege het ontbreken van inzage in het volledige dossier. Ook stelde hij dat er sprake was van discriminatie op grond van zijn vermeende islamitische achtergrond. De rechtbank oordeelde dat verweerder voldoende had gemotiveerd door te verwijzen naar de Leidraad persoonlijke omstandigheden en gedragingen, en dat het beperkte inzicht inherent is aan de aard van het veiligheidsonderzoek.
De rechtbank stelde vast dat de belangenafweging door verweerder niet onredelijk was en dat het belang van nationale veiligheid zwaarder woog dan het persoonlijke belang van eiser. Het beroep op schending van het fair play-beginsel en discriminatie werd verworpen. De intrekking van de VGB bleef daarmee in stand en het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: De intrekking van de Verklaring van Geen Bezwaar wordt bevestigd en het beroep wordt ongegrond verklaard.