Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
- het medeplegen van oplichting van Rabobank Nederlanden (hierna: Rabobank), ABN AMRO Bank N.V. (hierna: ABN AMRO), ING Bank N.V., Fortis Bank Nederland N.V. en/of SNS Bank N.V. in de periode van 23 september 2011 tot en met 5 oktober 2011 (feit 1);
- het deelnemen aan een organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van misdrijven in de periode van 4 mei 2011 tot en met 9 november 2011 (feit 2).
3.De voorvragen
4.De waardering van het bewijs
5.De bewezenverklaring
[persoon 16]telefonisch is benaderd. Uit het dossier blijkt echter dat het gaat om de rekeninghouder
[persoon 3]. De rechtbank ziet dit als een kennelijke verschrijving en heeft de bewezenverklaring op dit punt dan ook aangepast. [verdachte] is hierdoor niet in de verdediging geschaad.
6.De strafbaarheid van de feiten en van verdachte
7.De strafmotivering
8.De vordering benadeelde partij
9.De toepasselijke wettelijke voorschriften
10.De beslissingen
[verdachte]daarvoor strafbaar.
een gevangenisstraf van 12 (twaalf) maandenen beveelt dat de tijd die verdachte voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis heeft doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van deze gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht.
[persoon 16] niet-ontvankelijk in haar vordering.
hoofdzakelijk zaakdossier [persoon 3]) in of omstreeks de periode van 23 september 2011 tot en met 5 oktober 2011 te Amsterdam en/of Tilburg, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, (telkens) met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen (telkens) door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of door een of meer listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, de Rabobank en/of de ABN AMRO Bank en/of ING Bank en/of Fortisbank en/of SNS-Bank een of meer andere rechtspersonen en/of een of meer andere personen heeft bewogen tot de afgifte van een of meer geldbedrag(en) en/of bankpas(sen) en/of pinbrieven/pinbrief, immers heeft/hebben zij en/of haar mededader(s) aldaar (onder meer)
hoofdzakelijk zaakdossier [persoon 3] , zaakdossier Doorzoeking [adres 2] , zaakdossier [naam 2] en zaakdossier 140 [naam 3]) in of omstreeks de periode van 4 mei 2011 tot en met 9 november 2011 te Amsterdam en/of Hoofddorp en/of Noordwijk en/of Rotterdam en/of Lunteren en/of Eindhoven en/of Tilburg en/of Goirle en/of Den Haag en/of Haarlem en/of Duivendrecht en/of Grijpskerk en/of Almere en/of 's-Hertogenbosch en/of Nijmegen en/of Baarn en/of Rijswijk en/of Groningen en/of Oostzaan en/of Monster en/of Heerhugowaard en/of Gouda en/of Leeuwarden en/of Diemen, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met anderen (te weten [medeverdachte 4] en/of [medeverdachte 2] en/of [medeverdachte 8] en/of [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 3] en/of [medeverdachte 5] en/of [persoon 18] en/of [persoon 19] en/of [persoon 20] en/of [persoon 1] en/of één of meer andere personen), heeft deelgenomen aan een organisatie (te weten een samenwerkingsverband van een aantal natuurlijke personen), welke organisatie tot oogmerk had het plegen van misdrijven, te weten oplichting van één of meerdere (rechts)perso(o)n(en) (artikel 326 Wetboek Pro van Strafrecht) en/of (gewoonte)witwassen van één of meer bedrag(en) (artikel 420ter/bis Wetboek van Strafrecht) en/of verduistering gepleegd door postfunctionaris (artikel 273b Wetboek van Strafrecht) en/of diefstal (in vereniging) met gebruikmaking van valse sleutels (artikel 311 Wetboek Pro van Strafrecht).