Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Voorvragen
4.Waardering van het bewijs
De betrokkenheid van verdachte
Ten aanzien van het onder 1 ten laste gelegde (valsheid in geschrift)
Ten aanzien van het onder 2 ten laste gelegde (oplichting)
Ten aanzien van het onder 3 ten laste gelegde (gekwalificeerde diefstal)
Ten aanzien van het onder 4 ten laste gelegde (heling subsidiair verduistering)
Ten aanzien van het onder 5 ten laste gelegde (gekwalificeerde diefstal)
Ten aanzien van het onder 6 ten laste gelegde (poging gekwalificeerde diefstal)
Ten aanzien van het onder 7 ten laste gelegde (poging oplichting)
Ten aanzien van het onder 8 en 9 ten laste gelegde (witwassen en computervredebreuk)
5.Bewezenverklaring
ten aanzien van het onder 1 ten laste gelegde
- valselijk heeft opgemaakt, immers heeft verdachte telkens in strijd met de waarheid voornoemde aanvraagformulieren ingevuld en ondertekend, zulks telkens met het oogmerk om die geschriften als echt en onvervalst te gebruiken en
- opzettelijk gebruik gemaakt van voornoemde valse aanvraagformulieren betaalkaarten zijnde telkens een geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te dienen, als ware het echt en onvervalst, bestaande het gebruikmaken onder meer uit het telkens indienen en versturen van voornoemde aanvraagformulieren, telkens met het doel dat een betaalkaart werd afgegeven, terwijl hij telkens wist dat die geschriften bestemd waren voor gebruik als ware(n) deze echt en onvervalst en
- voornoemde aanvraagformulieren voorhanden heeft gehad;
- voornoemde overschrijvingsformulieren ingevuld en ondertekend, zulks telkens met het oogmerk om die geschriften als echt en onvervalst te gebruiken en door anderen te doen gebruiken en
- opzettelijk gebruik gemaakt van een voornoemde valse overschrijvingsformulieren zijnde telkens een geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te dienen, als ware het echt en onvervalst, bestaande het gebruikmaken onder meer uit het telkens indienen en versturen van voornoemde overschrijvingsformulieren, telkens met het doel dat een geldbedrag werd overgemaakt, terwijl hij en zijn mededader telkens wisten dat die geschriften bestemd waren voor gebruik als ware(n) deze echt en onvervalst en
- voornoemde overschrijvingsformulieren voorhanden heeft gehad;
- overschrijvingskaarten van de Rabobank op naam van [naam meneer 1] (zaak J),
- overschrijvingsformulieren van de ABN Amro op naam van [naam meneer 2] (zaak M)
- overschrijvingskaarten van de ING Bank op naam van [naam meneer 3] (zaak O)
- valselijk heeft opgemaakt, immers heeft verdachte telkens in strijd met de waarheid, voornoemde overschrijvingskaarten en overschrijvingsformulieren ingevuld en ondertekend, zulks telkens met het oogmerk om die geschriften als echt en onvervalst te gebruiken en door anderen te doen gebruiken en
- opzettelijk gebruik gemaakt van een voornoemde valse overschrijvingskaarten en overschrijvingsformulieren, zijnde telkens een geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te dienen, als ware het echt en onvervalst, bestaande het gebruikmaken onder meer uit het telkens indienen en versturen van voornoemde overschrijvingsformulieren, telkens met het doel dat een geldbedrag werd overgemaakt, terwijl hij telkens wist dat die geschriften bestemd waren voor gebruik als ware(n) deze echt en onvervalst en
- voornoemde overschrijvingskaarten en overschrijvingsformulieren voorhanden heeft gehad;
ten aanzien van het onder 2 ten laste gelegde
- een toegangscode tot de Saldolijn van de ING Bank gekoppeld aan het rekeningnummer [rekeningnummer] ten name van [naam mevrouw 2] (zaak C),
- een toegangscode tot de Saldolijn van de ING Bank gekoppeld aan het rekeningnummer [rekeningnummer] ten name van [naam mevrouw 3] (zaak D),
- een toegangscode tot de Saldolijn van de ING Bank gekoppeld aan het rekeningnummer [rekeningnummer] ten name van [naam meneer 4] (zaak E) en
- een toegangscode tot de Saldolijn van de ING Bank gekoppeld aam het rekeningnummer [rekeningnummer] ten name van [naam bedrijf 2] (zaak F),
- op naam van voornoemde personen en voornoemd bedrijf betaalpassen en toegangscodes tot voornoemde Saldolijn aangevraagd en
- zich voorgedaan als gerechtigde tot het ontvangen van betaalpassen die toegang geven tot voornoemde betaalrekeningen en toegangscodes van voornoemde Saldolijn;
ten aanzien van het onder 3 ten laste gelegde
ten aanzien van het onder 5 ten laste gelegde
ten aanzien van het onder 6 ten laste gelegde
ten aanzien van het onder 7 ten laste gelegde
- als niet-rechthebbende van de rekening naar de Saldolijn van voornoemde ING Bank heeft gebeld en heeft getracht tweemaal een geldbedrag van in totaal 500 euro over te boeken van de ING rekening [rekeningnummer] ten name van [naam mevrouw 3] , naar ING rekening [rekeningnummer] ten name van [naam 7] (zaak D),
- als niet-rechthebbende van de rekening driemaal naar de Saldolijn van voornoemde ING Bank heeft gebeld en heeft getracht toegang te krijgen via voornoemde Saldolijn om overboekingen te verrichten vanaf de ING rekening [rekeningnummer] ten name van [naam bedrijf 2] (zaak F),
- als niet-rechthebbende van de rekening een schriftelijk verzoek tot het aanvragen van een gemachtigde betaalpas voor de zakelijke rekening met rekeningnummer [rekeningnummer] ten name van de [naam Stichting] , aan de ING Bank heeft doen toekomen, tot het verstrekken van twee gemachtigde bankpassen voor voornoemde rekening, op naam van [naam meneer 7] en [naam meneer 8] (zaak P) en
- als niet-rechthebbende van de rekening een schriftelijk verzoek tot het aanvragen van een ING Businesscard voor de zakelijke rekening met rekeningnummer [rekeningnummer] ten name van de [naam Stichting] , aan de ING Bank heeft doen toekomen tot het verstrekken van twee gemachtigde bankpassen voor voornoemde rekening, op naam van [naam meneer 7] en [naam meneer 9] (zaak Q);
ten aanzien van het onder 8 ten laste gelegde
ten aanzien van het onder 9 ten laste gelegde
6.De strafbaarheid van de feiten
7.De strafbaarheid van verdachte
8.Motivering van de straf
9.Beslag
Verbeurdverklaring
Onttrekking aan het verkeer
Retour aan uitgevende instantie
10.Ten aanzien van de benadeelde partijen
- In zaaksdossier A (feit 3) vordert ING een bedrag van € 41.693,93 aan materiële schade, bestaande uit € 40.492,93 aan ontvreemde gelden en € 1.200,00 aan onderzoekskosten. Deze vordering is onderbouwd met een rekeningafschrift en een specificatie van de geïnvesteerde onderzoekshandelingen en onderzoekskosten.
- In zaaksdossier C (feiten 2 en 3) vordert ING een bedrag van € 4.100,00 aan materiële schade, bestaande uit € 3.500,00 aan ontvreemde gelden en € 600,00 aan onderzoekskosten.
- In zaaksdossier D (feiten 2, 3 en 4) vordert ING een bedrag van € 534,54 aan materiële schade, bestaande uit € 600,00 aan ontvreemde gelden en € 480,00 aan onderzoekskosten, welke bedragen zijn verminderd met € 545,46, zijnde het bedrag dat ING in deze zaak terug heeft ontvangen.
- In zaaksdossier E (feit 2) vordert ING een bedrag van € 240,00 aan materiële schade, bestaande uit onderzoekskosten.
- In zaaksdossier H (feit 6) vordert ING een bedrag van € 2.400,00 aan materiële schade, bestaande uit € 15.693,85 aan ontvreemde gelden en € 2.400,00 aan onderzoekskosten, welke bedragen zijn verminderd met € 15.693,85, zijnde het bedrag dat ING veilig heeft kunnen stellen.
- in zaaksdossier A tot een bedrag van € 41.693,93, bestaande uit € 40.492,93 aan ontvreemde gelden en € 1.200,00 aan onderzoekskosten. Van dit totale bedrag wordt € 12.500,00 hoofdelijk toegewezen;
- in zaaksdossier C tot een bedrag van € 3.500,00, bestaande uit ontvreemde gelden;
- in zaaksdossier D tot een bedrag van € 54,54, bestaande uit ontvreemde gelden.
11.Toepasselijke wettelijke voorschriften
12.Beslissing
de voortgezette handeling van valsheid in geschrift en opzettelijk voorhanden hebbenengebruik maken van een vals of vervalst geschrift als bedoeld in artikel 225 eerste Pro lid wetboek van strafrecht, als ware het echt en onvervalst, meermalen gepleegd’
de voortgezette handeling van medeplegen van valsheid in geschrift, meermalen gepleegd en medeplegen van het opzettelijk voorhanden hebbenengebruik maken van een vals of vervalst geschrift als bedoeld in artikel 225 eerste Pro lid wetboek van strafrecht, als ware het echt en onvervalst ’.
oplichting, meermalen gepleegd’en
‘medeplegen van oplichting, meermalen gepleegd’.
diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij verdachte het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van een valse sleutel, meermalen gepleegd’en ‘
diefstal, waarbij verdachte het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van een valse sleutel, meermalen gepleegd’.
diefstal, waarbij verdachte het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van een valse sleutel, meermalen gepleegd’.
poging tot diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij verdachte het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van een valse sleutel, meermalen gepleegd’.
poging tot oplichting, meermalen gepleegd’.
witwassen, meermalen gepleegd’.
‘computervredebreuk, meermalen gepleegd’.
30 (dertig) maanden.