ECLI:NL:RBAMS:2018:3138
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- S.E. Reichert
- H.J. Tijselink
- C.J. Polak
- Rechtspraak.nl
Intrekking toestemming beveiligingsmedewerker wegens onvoldoende betrouwbaarheid na demonstratieincident
Eiser, werkzaam als beveiligingsmedewerker, kreeg op 3 februari 2015 de toestemming tot het verrichten van beveiligingswerk ingetrokken door de korpschef van politie wegens onvoldoende betrouwbaarheid. Dit volgde op een incident tijdens een demonstratie in 2014 waarbij eiser zich met geweld verzette tegen politieambtenaren en werd aangehouden. Hoewel het Openbaar Ministerie de strafzaak wegens demonstreren op een verboden locatie seponeerde, werd eiser in hoger beroep veroordeeld voor verzet met letsel aan een ambtenaar en kreeg een boete opgelegd.
Verweerder stelde dat eiser door zijn gedrag de integriteit en betrouwbaarheid die van een beveiliger wordt verwacht, niet waarmaakt. Eiser betwistte de aantijgingen en stelde dat zijn grondwettelijke rechten op vrijheid van meningsuiting en betoging werden geschonden. De rechtbank oordeelde dat de intrekking niet in strijd is met deze rechten en dat verweerder een eigen, redelijke belangenafweging heeft gemaakt, waarbij het gedrag van eiser een tamelijk ernstige aantasting van de rechtsorde vormt.
De rechtbank benadrukte dat ook incidenten in de privésfeer relevant kunnen zijn voor de beoordeling van betrouwbaarheid in de beveiligingsbranche. De toepassing van de hardheidsclausule werd afgewezen omdat deze niet van toepassing is op de grondslag van de intrekking. Het beroep van eiser werd ongegrond verklaard en hij kreeg de mogelijkheid om in de toekomst opnieuw toestemming aan te vragen, waarbij rekening wordt gehouden met de omstandigheden van het geval.
Uitkomst: Het beroep tegen de intrekking van de toestemming tot beveiligingswerkzaamheden wordt ongegrond verklaard wegens onvoldoende betrouwbaarheid van eiser.