Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Waardering van het bewijs
4.Bewezenverklaring
5.Motivering van de straffen en maatregel
“De Hoge Raad heeft mede in aanmerking genomen dat het Hof weliswaar kennelijk het oog had op gedrag dat met – kort gezegd – kinderporno verband houdt, maar daartoe
niet een voldoende precies gedragsvoorschrift heeft geformuleerd, alsmede dat (…) een bijzondere voorwaarde (…)
niet geacht kan worden gedrag te omvatten dat in feite overeenkomt met het meewerken aan door de politie uit te oefenen dwangmiddelen op de veelomvattende en ingrijpende wijze zoals in de onderhavige voorwaarde is geformuleerd.” De rechtbank leidt hieruit af dat controle van gegevensdragers als bijzondere voorwaarde in de zin van artikel 14c, tweede lid, aanhef en onder 14˚ Wetboek van Strafrecht (Sr) onder omstandigheden mogelijk is, indien sprake is van een bijzondere voorwaarde die (a) een voldoende duidelijk gedragsvoorschrift bevat en (b) geen te veelomvattend en te ingrijpend dwangmiddel is. De rechtbank acht controle nodig. Teneinde binnen deze kaders te blijven formuleert de rechtbank de volgende bijzondere voorwaarde:
6.Beslag
7.Toepasselijke wettelijke voorschriften
8.Beslissing
[verdachte], daarvoor strafbaar.
gevangenisstrafvoor de duur van
12 (twaalf) maanden.
11 (elf) maanden, van deze gevangenisstraf
nietzal worden ten uitvoer gelegd, tenzij later anders wordt gelast.
3 (drie) jarenvast.
taakstraf, bestaande uit het verrichten van onbetaalde arbeid, van
240 (tweehonderdveertig) uren, met bevel, voor het geval dat de verdachte de taakstraf niet naar behoren heeft verricht, dat vervangende hechtenis zal worden toegepast van
120 (honderdtwintig) dagen.