AI samenvatting door Lexboost • Automatisch gegenereerd
Veroordeling voor faillissementsfraude wegens nalatigheid administratie en weigering informatieverstrekking
De rechtbank Amsterdam heeft op 7 februari 2018 uitspraak gedaan in de strafzaak tegen verdachte, die werd verdacht van faillissementsfraude. Verdachte was bestuurder en enig aandeelhouder van een vennootschap die failliet werd verklaard. Hij had grote sommen geld geleend van investeerders, maar hield geen volledige administratie bij en verstrekte onvoldoende informatie aan de curator.
De rechtbank oordeelde dat verdachte opzet had, althans voorwaardelijk opzet, op het verkorten van de rechten van schuldeisers door het nalaten van een juiste administratie en het weigeren van volledige inlichtingen. Ondanks de faillissementsaanvraag van zijn holding en zijn eigen faillissement hield verdachte geen administratie bij en deed hij geen poging om dit te herstellen.
De rechtbank achtte bewezen dat verdachte de curator onvolledig informeerde over de besteding van geleende gelden en dat hij de administratie van het bedrijf niet op orde had gehouden vanaf maart 2011 tot het faillissement in januari 2014. Dit gedrag benadeelde de schuldeisers en maakte het afwikkelen van het faillissement moeilijk.
De rechtbank legde een taakstraf van 240 uur op en een voorwaardelijke gevangenisstraf van 3 maanden met een proeftijd van 2 jaar. De straf is bedoeld om verdachte te weerhouden van herhaling van dergelijke feiten, mede gezien zijn nalatigheid en de omvang van de financiële belangen.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 240 uur taakstraf en een voorwaardelijke gevangenisstraf van 3 maanden wegens faillissementsfraude.
Voetnoten
1.Voor zover niet anders vermeld, wordt in de hierna volgende voetnoten telkens verwezen naar bewijsmiddelen die zich in het aan deze zaak ten grondslag liggende dossier bevinden, volgens de in dat dossier toegepaste nummering. Tenzij anders vermeld, gaat het daarbij om processen-verbaal, in de wettelijke vorm opgemaakt door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren.
2.De documenten waarnaar in het vonnis wordt verwezen, maken allemaal deel uit van het proces-verbaal in het onderzoek tegen verdachte [verdachte] , dossiernummer 55957, opgemaakt door [opsporingsambtenaar 1] en [opsporingsambtenaar 2] , opsporingsambtenaren van de Belastingdienst/FIOD.
3.Doc. 023, doorgenummerde pagina’s 164-165.
4.Proces-verbaal verhoor getuige [naam 1] , doorgenummerde pagina 82; proces-verbaal van verhoor getuige [naam 2] , doorgenummerde pagina’s 67-72, doc. 11 (pag. 132-133), doc. 12 (pag. 134-135), doc. 21 (pag. 155-157) en doc. 24 (pag. 174-175) en proces-verbaal verhoor getuige [naam 3] , doorgenummerde pagina’s 75-79) en doc. 14 (pag. 136).
5.Doc. 20, doorgenummerde pagina’s 148-149.
6.Doc 22, doorgenummerde pagina’s 158-163.
7.Doc. 29, doorgenummerde pagina’s 191-192.
8.Doc 34, doorgenummerde pagina 211.
9.Doc 10, doorgenummerde pagina 124.
10.Doc. 23, doorgenummerde pagina 164.
11.Doc. 1, doorgenummerde pagina 101.
12.Doc. 9, doorgenummerde pagina 121.
13.Doc. 1A, doorgenummerde pagina’s 94-99
14.Doc 1, doorgenummerde pagina’s 100-102
15.Proces-verbaal van verhoor getuige [naam 4] , doorgenummerde pagina’s 88-91 proces-verbaal verhoor verdachte, doorgenummerde pagina 52.
16.proces-verbaal van verhoor [naam 5] , doorgenummerde pagina’s 85-87.
17.Proces-verbaal verhoor verdachte, doorgenummerde pagina 45.