Op 10 maart 2018 mishandelde de verdachte een restaurantmedewerker in Amsterdam met een werkende taser tegen het hoofd, waardoor het slachtoffer pijn ondervond. Daarnaast pleegde hij op 11 maart 2018 samen met een ander openlijk geweld tegen een raam van een restaurant door hier meerdere malen tegen te trappen en te schoppen.
De verdachte legde een bekennende verklaring af tijdens de terechtzitting van 9 oktober 2018. De rechtbank achtte de bewezenverklaring overtuigend op basis van de verklaring van verdachte en het proces-verbaal van aangifte. Er werd geen rechtvaardigingsgrond vastgesteld en de strafbaarheid van verdachte werd bevestigd.
De officier van justitie eiste een taakstraf van 80 uur met een geheel voorwaardelijke hechtenis van 40 dagen bij niet-naleving, met een proeftijd van twee jaar. De raadsman verzocht primair om een schuldigverklaring zonder strafoplegging, subsidiair een geheel voorwaardelijke straf. De rechtbank wees dit af vanwege eerdere veroordelingen van verdachte voor poging tot doodslag en het agressieve karakter van de feiten.
De rechtbank veroordeelde verdachte tot een taakstraf van 80 uur met een voorwaardelijke hechtenis van 40 dagen, waarbij de straf niet wordt uitgevoerd tenzij verdachte binnen twee jaar opnieuw een strafbaar feit pleegt. De straf is passend geacht gezien de ernst van de feiten, de omstandigheden en de persoon van verdachte.