Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Waardering van het bewijs
- dicht bij voornoemde [persoon 1] te gaan staan, en
- tegen voornoemde [persoon 1] te zeggen: "Ik maak je af", en
- een tang te tonen aan voornoemde [persoon 1] , en
- een scherp of puntig voorwerp, te zwaaien in de richting van voornoemde [persoon 1] ;
op 28 augustus 2019 te Amsterdam, [persoon 2] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, door:
- voornoemde [persoon 2] een mes te tonen, en
- met voornoemd mes stekende en/of zwaaiende bewegingen naar voornoemde [persoon 2] te maken, en
- voornoemde [persoon 2] dreigend de woorden toe te voegen: 'Ik ga je dood maken, ik ga je steken’;
op 28 augustus 2019 te Amsterdam, opzettelijk een ambtenaar, te weten [persoon 3] , hoofdagent politie Eenheid Amsterdam, gedurende de rechtmatige uitoefening van
zijn bediening door feitelijkheden heeft beledigd, door te spugen in de richting van die [persoon 3] .
4.Bewijs
5.Strafbaarheid van de feiten
6.Strafbaarheid van verdachte
7.Plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders
8.Ten aanzien van de benadeelde partij
9.Tenuitvoerlegging voorwaardelijke veroordelingen
10.Toepasselijke wettelijke voorschriften
11.Beslissing
[verdachte], daarvoor strafbaar.
de maatregel tot plaatsing in een inrichting voor stelselmatige dadersvoor de duur van
2 (twee) jaren.