ECLI:NL:RBAMS:2019:10211
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak poging moord en medeplichtigheid na schietincident in Amsterdam
Op 6 augustus 2018 vond in Amsterdam een schietincident plaats waarbij [persoon 1] in de buikstreek werd geraakt. Verdachte werd ervan verdacht dit misdrijf te hebben gepleegd met voorbedachten rade, al dan niet samen met anderen, en daarnaast medeplichtigheid aan het delict te hebben verleend door onder meer aanwezig te zijn op de ontmoetingsplaats nabij flat Kleiburg en zich verdacht te gedragen.
De rechtbank heeft het onderzoek ter terechtzitting op 6 november 2018 en 3 mei 2019 verricht. Zowel de officier van justitie als de verdediging hebben hun standpunten toegelicht. De tenlastelegging omvatte poging tot moord en subsidiair medeplichtigheid.
Na zorgvuldige beoordeling van het bewijs en de processtukken concludeert de rechtbank dat het primair en subsidiair ten laste gelegde niet is bewezen. Er zijn onvoldoende concrete aanwijzingen dat verdachte daadwerkelijk heeft geschoten of opzettelijk heeft bijgedragen aan het misdrijf.
Daarom spreekt de rechtbank verdachte vrij van alle tenlasteleggingen en verklaart het ten laste gelegde niet bewezen. Het vonnis is op 3 mei 2019 uitgesproken door de meervoudige kamer van de rechtbank Amsterdam.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken van poging moord en medeplichtigheid wegens onvoldoende bewijs.