De rechtbank Amsterdam heeft op 29 mei 2019 uitspraak gedaan in de zaak tegen verdachte, die werd beschuldigd van meerdere feiten, waaronder bezit en handel in cocaïne en MDMA, witwassen en het voorhanden hebben van een vuurwapen.
De dagvaarding werd nietig verklaard voor het feit van het verkopen en vervoeren van cocaïne vanwege onvoldoende specificatie. Verdachte werd vrijgesproken van het uitvoeren van cocaïne omdat het bewijs onvoldoende was. De rechtbank achtte bewezen dat verdachte op 6 december 2016 in zijn woning te [plaats 3] 983 en 954 gram cocaïne had, een geldbedrag van €36.180,- witwaste en een geladen Glock 19 pistool bezat.
De inzet van bijzondere opsporingsbevoegdheden werd als rechtmatig beoordeeld. Verdachte had geen verklaring gegeven voor de herkomst van het geld en de aanwezigheid van de drugs en het vuurwapen. Gelet op de ernst van de feiten, de rol van verdachte binnen de organisatie en de aanwezigheid van een kind in de woning, legde de rechtbank een gevangenisstraf van 19 maanden op, met aftrek van voorarrest.
Verder werd het geldbedrag verbeurd verklaard en bepaalde in beslag genomen voorwerpen werden teruggegeven. Het verzoek tot opheffing van de schorsing van de voorlopige hechtenis werd afgewezen.