Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER
the Central Finland Prosecutor’s Officete Tampere, Finland, en strekt tot de aanhouding en overlevering van:
1.Procesgang
De opgeëiste persoon is bijgestaan door haar raadsman, mr. A.W. Grijseels, advocaat te Rotterdam.
2.Identiteit van de opgeëiste persoon
3.Grondslag en inhoud van het EAB
the Pirkanmaa District Courten gedateerd 21 maart 2019, met referentienummer 19/
468, ref. PK19/1715.
4.Gevolgen van het arrest C 508/18 (OG) en C-509/18 (PF)
the Central Finland Prosecutor’s Officete Tampere (Finland).
State Prosecutor, verbonden aan
the Office of the Prosecutor Generalte Helsinki (Finland) heeft in een memorandum gedateerd 29 mei 2019 in dit verband het volgende meegedeeld.
District Prosecutorverbonden aan de
Prosecutor’s Office of Inland Finlandper e-mail van 12 juni 2019 de volgende toelichting gegeven:
District Prosecutor, verbonden aan
the Prosecutor’s Office of Inland Finland te Tamperehet volgende geantwoord per e-mail van 20 juni 2019:
State Prosecutorvan Finland verstrekte informatie stelt de rechtbank allereerst vast dat de Finse officier van justitie moet worden geacht deel te nemen aan de rechtsbedeling in Finland en onafhankelijk optreedt. Gelet hierop kan deze functionaris worden beschouwd als een “uitvaardigende rechterlijke autoriteit” in de zin van artikel 6, lid 1, van Kaderbesluit 2002/584, zoals het HvJ vereist in zijn overwegingen 73 en 74.
wanneer het recht van een uitvaardigende lidstaat de bevoegdheid om een Europees aanhoudingsbevel uit te vaardigen toekent aan een autoriteit die weliswaar aan de rechtsbedeling in die lidstaat deelneemt maar zelf geen rechter of rechterlijke instantie is, de beslissing omeen dergelijk aanhoudingsbeveluit te vaardigen en met name de evenredigheid van een dergelijke beslissing in de betreffende lidstaat het voorwerp moet kunnen uitmaken van een beroep in rechte dat volledig voldoet aan de vereisten die voortvloeien uit een effectieve rechterlijke bescherming”.
“zelfs indien dit Europees aanhoudingsbevel gebaseerd is op een nationale beslissing van een rechter of een rechterlijke instantie.”
of de beslissingen van de procureur-generaal om een Europees aanhoudingsbevel uit te vaardigen het voorwerp kunnen uitmaken van een beroep in rechte dat volledig voldoet aan de door een effectieve rechterlijke bescherming gestelde eisen”.