ECLI:NL:RBAMS:2019:896
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing persoonlijke lening door Gemeentelijke Kredietbank geen publiekrechtelijke rechtshandeling
Eiser verzocht de Gemeentelijke Kredietbank Amsterdam (GKA) om een persoonlijke lening van €3500 voor woninginrichting, welke op 19 juni 2018 werd afgewezen wegens onvoldoende inkomen en lopende verplichtingen. Verweerder verklaarde het bezwaar tegen deze afwijzing niet-ontvankelijk, stellende dat de afwijzing geen publiekrechtelijke rechtshandeling is en dus geen besluit in de zin van de Awb.
Eiser voerde aan dat de afwijzing wel een publiekrechtelijke grondslag heeft, verwijzend naar de Participatiewet en de Wet Financiering Decentrale Overheden. De rechtbank stelde echter vast dat deze wetten geen basis bieden voor het verstrekken van persoonlijke leningen door de GKA en dat de leningen van de GKA verschillen van die op grond van de Participatiewet verstrekte leningen.
De rechtbank overwoog dat zonder wettelijke grondslag het publiekrechtelijke karakter slechts kan worden aangenomen bij intensieve bemoeienis van het bestuursorgaan en bekostiging uit publieke middelen. In deze zaak ontbraken inhoudelijke criteria voor de lening, en hoewel de GKA onderdeel is van de gemeente, is er geen sprake van een taak die de overheid aan zich heeft getrokken.
Daarom concludeerde de rechtbank dat de afwijzing geen besluit in de zin van de Awb is en verklaarde het beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: Het beroep tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar tegen de afwijzing van de persoonlijke leningaanvraag is ongegrond verklaard.