ECLI:NL:RBAMS:2020:2090
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatigheid van strafrechtelijke ontruiming van gekraakt pand door de Staat
De zaak betreft een kort geding van [eiser], een maatschappelijk werker die samen met anderen een pand had gekraakt, tegen de Staat der Nederlanden. [Eiser] vorderde onder meer een verbod op ontruiming van het pand en bescherming van zijn huisrecht. Het pand was eigendom van Stichting Stadgenoot en werd in december 2017 gekraakt.
Na eerdere procedures waarin werd geoordeeld dat [eiser] geen huisrecht had, werd het pand eind 2019 opnieuw gekraakt en op 30 januari 2020 ontruimd door de Staat. [Eiser] stelde dat de ontruiming onrechtmatig was omdat zijn advocaat op 29 januari 2020 om verhinderdata had gevraagd, maar de ontruiming desondanks plaatsvond voordat een kort geding was gestart.
De rechtbank oordeelde dat de ontruiming niet onrechtmatig was omdat de wettelijke en beleidsmatige termijnen waren gerespecteerd. De ontruimingsaankondiging was op 22 januari 2020 gedaan en de ontruiming vond plaats na het verstrijken van de zevendagentermijn, terwijl de dagvaarding pas op 3 februari 2020 aan de Staat was betekend. De rechtbank wees de vorderingen af en veroordeelde [eiser] in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank oordeelt dat de Staat niet onrechtmatig handelde door het pand te ontruimen en wijst de vorderingen af.