Op 8 februari 2019 vervoerde verdachte ongeveer 21,94 gram cocaïne in zijn auto. Na een achtervolging werd hij klemgereden door de politie in Amsterdam Noord. Tijdens het incident gooide verdachte zijn autodeur open tegen de deur van een politieauto, waardoor deze beschadigd raakte.
De rechtbank oordeelde dat verdachte het vervoer van de cocaïne opzettelijk heeft gepleegd, maar sprak hem vrij van medeplegen omdat onvoldoende bewijs was voor nauwe samenwerking met zijn neef die ook in de auto zat. De rechtbank achtte bewezen dat verdachte de deur van de politieauto opzettelijk en wederrechtelijk beschadigde, waarbij sprake was van voorwaardelijk opzet.
De officier van justitie eiste een gevangenisstraf van één maand en een geldboete, maar de rechtbank legde een taakstraf van 100 uur op met een geldboete van €1.841,40, rekening houdend met de ernst van de feiten, de omstandigheden en het feit dat verdachte niet eerder was veroordeeld.