ECLI:NL:RBAMS:2021:123
Rechtbank Amsterdam
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen loting gesloten coffeeshopketen experiment
In deze bestuursrechtelijke zaak hebben meerdere aanvragers bezwaar gemaakt tegen de loting voor het experiment gesloten coffeeshopketen, waarbij maximaal tien telers worden aangewezen voor gereguleerde hennepteelt en verkoop.
De verzoekers stelden dat de loting onrechtmatig was omdat drie eerder afgewezen aanvragers toch mochten deelnemen, wat hun kansen verkleinde en in strijd was met de wet en het gelijkheidsbeginsel. Verweerders stelden dat zij verplicht waren uitvoering te geven aan eerdere voorzieningenrechterlijke uitspraken die deze drie aanvragers alsnog toelieten tot de loting.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de keuze voor loting als verdeelmechanisme niet onrechtmatig is en dat de toelating van de drie aanvragers rechtmatig was omdat de afwijzingsbesluiten niet onherroepelijk waren. De belangen van verzoekers zijn niet onrechtmatig geschaad en het gelijkheidsbeginsel is juist gediend door toelating van de drie aanvragers.
Verder is vastgesteld dat de beoordeling van aanvragen zorgvuldig is verlopen, inclusief controle op financiering en alternatieve locaties. De brief van 3 december 2020 is geen besluit in de zin van de Awb en niet vatbaar voor bezwaar. De verzoeken om voorlopige voorziening worden daarom afgewezen.
Uitkomst: De verzoeken om voorlopige voorziening tegen de loting voor het experiment gesloten coffeeshopketen worden afgewezen.