Innophos Holdings c.s. vordert vergoeding van schade wegens een beroepsfout van Heussen B.V., die de juridische fusie tussen BV1 en BV2 niet tijdig heeft gedeponeerd. Dit leidde tot fiscale nadelen door toepassing van de renteaftrekbeperking van artikel 10a Wet Vpb 1969 vanaf 2018.
De rechtbank stelt vast dat Heussen tekort is geschoten en onrechtmatig heeft gehandeld. De omvang van de schade moet worden vastgesteld door vergelijking van de werkelijke situatie met de hypothetische situatie zonder beroepsfout. De discussie over de fiscale gevolgen, mede door tegenstrijdige standpunten van hoogleraren en het ontbreken van een definitief standpunt van de Belastingdienst, kan niet in deze procedure worden beslecht.
De rechtbank neemt aan dat de Belastingdienst in 2018 positief zou hebben beschikt op het verzoek tot terugwerkende fusie en fiscale eenheid verbreking, zoals in 2019 is gebeurd. De renteaftrek zou dan in 2018 aftrekbaar zijn geweest volgens de opinie van prof. Douma, tegen de mening van prof. Van de Streek.
De gevorderde voorschotten op schadevergoeding worden afgewezen wegens onvoldoende vaststelling van schade en bewijs. De zaak wordt verwezen naar de schadestaatprocedure waar de omvang van de schade en winstderving nader kan worden vastgesteld. Innophos wordt veroordeeld in de proceskosten.