Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
vonnis van de kantonrechterkort geding
1. [eiseres 1]
2. [eiseres 2]
3. de vereniging Bewonersvereniging [naam complex]
Stichting Variaprop
VERLOOP VAN DE PROCEDURE
GRONDEN VAN DE BESLISSING
Uitgangspunten
Vordering en verweer
- i) het vervangen van de loden leidingen vanaf de hoofdkraan, althans het begin van de tot het pand behorende waterleiding naar en door de woningen van [eiseres 1] en [eiseres 2] uiterlijk op 1 maart 2021 op straffe van een dwangsom van € 200,00 per dag tot een maximum van € 50.000,- per woning;
- ii) te bepalen dat vooruitlopend op een bodemprocedure ex artikel 7:257 Burgerlijk Pro Wetboek (BW) de maandelijkse betalingsverplichting ter zake de netto huurprijs van [eiseres 1] en [eiseres 2] met ingang van 1 juni 2020 tijdelijk wordt verlaagd met 60% van de geldende huurprijs tot de eerste van de maand dat het gebrek is hersteld;
- iii) het doen van deskundig onderzoek van het water uit de waterleidingen van alle andere door haar verhuurde woningen in het [naam complex] (met uitzondering van die van [eiseres 1] en [eiseres 2] en de woning aan de [adres 4] ) en dat de uitkomst daarvan uiterlijk 1 maart 2021 met de Bewonersvereniging zijn gedeeld op straffe van een dwangsom van € 25.000,-;
- iv) het vervangen van de loden leidingen van die huurwoningen in het [naam complex] waar een loodgehalte van meer dan 5 microgram per liter is gemeten vanaf de watermeter/het begin van de tot het pand behorende loden waterleiding (of delen daarvan) tot de zich in de woning bevindende waterkranen uiterlijk op 1 juli 2021 op straffe van een dwangsom van € 200,- per dag met een maximum van € 50.000,- per woning;
- v) de kosten van deze procedure en de nakosten van € 120,- te verhogen met een bedrag van € 100,- in geval van betekening te voldoen binnen 14 dagen na betekening van het vonnis bij gebreke waarvan wettelijke rente verschuldigd is.
Beoordeling
‘het leidingwater van de inpandige drinkwaterinstallatie in de woonruimte op een tappunt een loodverontreiniging van meer dan 10 microgram per liter leidingwater heeft’dit een ernstig gebrek is in categorie C (Bijlage II bij het Besluit Huurprijzen woonruimte).
Ook het betoog dat de vordering prematuur is ingesteld omdat gedaagde als verhuurder onvoldoende tijd is gegund de aard en de omvang van het gestelde gebrek te onderzoeken gaat niet op. Gedaagde heeft daartoe ruimschoots de gelegenheid gehad. De eerste meting was van 29 mei 2020 met een zodanig alarmerend hoog loodgehalte in het drinkwater (bij [eiseres 2] ) dat van een verhuurder, na kennisneming daarvan, mag worden verwacht dat zij gezien de urgentie en het gevaar voor de volksgezondheid direct zelf onderzoek doet naar de aard en de omvang van het gebrek en zo nodig passende maatregelen treft. Gedaagde heeft tegenover haar huurders [eiseres 1] en [eiseres 2] als verhuurder een eigen verantwoordelijkheid en dient zich voldoende in te spannen haar huurders zo snel mogelijk weer het volledige huurgenot te verschaffen.
Duidelijk is dat de vijf VvE’s in het complex (zie 1.3) toestemming voor vervanging van loden leidingen dienen te geven. Dit betekent echter niet dat gedaagde zich achter trage besluitvorming binnen de VvE’s kan verschuilen. Zij heeft als verhuurder van een groot aantal appartementen feitelijke en juridische middelen om de vervanging van de loden leidingen zo snel mogelijk in gang te (doen) zetten, en om zo nodig druk uit te oefenen op de VvE’s om hier werk van te maken.
Dat gedaagde, dan wel namens haar Rappange, voldoende voortvarend te werk is gegaan om de betreffende VvE zover te krijgen dat het gebrek binnen een aanvaardbare termijn wordt hersteld is onvoldoende aannemelijk gemaakt. Er is traag op de brieven van de gemachtigde van eiseressen gereageerd en, hoewel er een kostenraming van de loodgieter van Rappange uit mei 2020 is overgelegd, blijft gedaagde in juli 2020 en 30 oktober 2020 herhalen dat een plan van aanpak zal worden gemaakt (zie 1.10 en 1.11) zonder concrete, verdere actie. Dat als gevolg van de coronapandemie op 7 mei 2020 en 25 november 2020 twee algemene ledenvergaderingen zijn geannuleerd stond er niet aan in de weg dat gedaagde maatregelen had kunnen treffen om (het bestuur van) de VvE tot spoedige actie ten behoeve van vervanging van de leidingen in het gehele complex te manen, of op zijn minst de beperking in het huurgenot van haar huurders te verminderen. Zo is [eiseres 1] en [eiseres 2] bijvoorbeeld geen alternatieve watervoorziening geboden, zoals in de brief van de ministers wordt geadviseerd (zie 1.9).