Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
vonnis van de kantonrechter
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Nutsservices B.V.
Budgetenergie
[gedaagde]
VERLOOP VAN DE PROCEDURE
- het proces-verbaal van het mondelinge antwoord van 15 oktober 2020;
- het instructievonnis van 30 oktober 2020;
- de dagbepaling mondelinge behandeling;
GRONDEN VAN DE BESLISSING
Feiten
Geschil
a. € 159,81 aan hoofdsom;
b. € 40,00 aan buitengerechtelijke incassokosten;
c. € 3,75 aan rente, berekend tot 28 september 2020;
d. rente over € 259,81 vanaf 28 september 2020;
e. de proceskosten.
De ‘shop-in-shop’ ruimte in de Media Markt is een verkoopruimte als bedoeld in artikel 6:230g lid 1 sub g BW, omdat Nutsservices in deze ruimte gewoonlijk haar activiteiten uitvoert. De overeenkomst is volgens haar dan ook niet op afstand of buiten de verkoopruimte van Nutsservices gesloten. Nutsservices verwijst naar de bij dagvaarding overgelegde schermafdrukken, die de medewerker in de shop-in-shop samen met [gedaagde] heeft doorlopen. [gedaagde] heeft ingestemd met het aanbod van Nutsservices. Alle relevante informatie, de overeenkomst, een link met de algemene voorwaarden en de mededeling dat [gedaagde] binnen veertien dagen kosteloos kan herroepen zijn per e-mail naar [gedaagde] verzonden. Door opzegging heeft [gedaagde] de overeenkomst voortijdig beëindigd. Hij is daarom op grond van de algemene voorwaarden een opzegvergoeding verschuldigd. De in rekening gebrachte opzegvergoeding is in overeenstemming met het besluit van de ACM en daarom niet onredelijk. [gedaagde] heeft de termijnnota van 1 december 2019, de termijnnota van 1 januari 2020 en de eindnota onbetaald gelaten. In totaal gaat dat om een bedrag van € 259,81. Nadat Nutsservices haar eis heeft verminderd met de in rekening gebrachte opzegvergoeding resteert een nog te betalen bedrag van € 159,81.