ECLI:NL:RBAMS:2021:4339

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
19 augustus 2021
Publicatiedatum
19 augustus 2021
Zaaknummer
13/751529-21
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Op tegenspraak
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 2 OLWArt. 5 OLWArt. 7 OLWArt. 23 OLWArt. 29 OLW
Verwijzingen
9 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toestemming overlevering op grond van Europees aanhoudingsbevel ondanks detentieomstandigheden in Italië

De rechtbank Amsterdam behandelde op 27 juli 2021 de vordering tot overlevering van een persoon aan Italië op grond van een Europees aanhoudingsbevel (EAB) uitgevaardigd door de rechtbank van Verona. De verdachte, zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland, werd bijgestaan door een advocaat en een tolk tijdens het telehoor.

De rechtbank stelde vast dat de identiteit van de opgeëiste persoon correct was en dat de strafbare feiten waarvoor overlevering werd verzocht, zoals moord, doodslag en illegale handel in wapens, vallen onder de lijst van bijlage 1 bij de Overleveringswet. De verdachte ontkende schuld, maar kon dit niet aantonen, waardoor het onschuldverweer niet tot weigering van overlevering leidde.

De verdediging vroeg om aanhouding van de beslissing vanwege zorgen over de detentieomstandigheden in Italië, verwijzend naar een video-opname uit een Napolitaanse gevangenis en recente politieke uitspraken over hervormingen. De rechtbank verwierp dit verzoek, stellende dat de eerder gegeven garanties uit 2020 nog steeds van kracht zijn en dat er geen objectief bewijs is van een algemeen reëel gevaar voor onmenselijke behandeling.

Gelet op het voldoen aan de wettelijke eisen en het ontbreken van weigeringsgronden, besloot de rechtbank de overlevering toe te staan. Tegen deze beslissing is geen gewoon rechtsmiddel mogelijk.

Uitkomst: De rechtbank staat de overlevering van de verdachte aan Italië toe ondanks zorgen over detentieomstandigheden.

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER

Parketnummer: 13/751529-21
RK nummer: 21/3213
Datum uitspraak: 10 augustus 2021
UITSPRAAK
op de vordering ex artikel 23 Overleveringswet Pro (OLW), ingediend door de officier van justitie bij deze rechtbank. Deze vordering dateert van 4 juni 2021 en betreft onder meer het in behandeling nemen van een Europees aanhoudingsbevel (EAB).
Dit EAB is uitgevaardigd op 13 mei 2021 door de
Preliminary Investigations Judge at the Court of Veronaen strekt tot de aanhouding en overlevering van:
[opgeëiste persoon] ,
geboren te [geboorteplaats] (Albanië) op [geboortedag] 1990,
zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland,
gedetineerd in [detentieplaats] ,
hierna te noemen de opgeëiste persoon.

1.Procesgang

De vordering is behandeld op de openbare zitting van 27 juli 2021. Het verhoor heeft – via telehoren – plaatsgevonden in tegenwoordigheid van de officier van justitie mr. K. van der Schaft. De opgeëiste persoon is bijgestaan door zijn raadsman, mr. J.M.J.H. Coumans, advocaat te Amsterdam en door een tolk in de Albanese taal.
Op grond van artikel 22, derde lid, OLW heeft de rechtbank de termijn waarbinnen zij op grond van het eerste lid van dit artikel uitspraak moet doen met dertig dagen verlengd omdat zij die verlenging nodig heeft om over de verzochte overlevering te beslissen.

2.Identiteit van de opgeëiste persoon

De rechtbank heeft de identiteit van de opgeëiste persoon onderzocht. De opgeëiste persoon heeft ter zitting verklaard dat de bovenvermelde personalia juist zijn en dat hij de Albanese nationaliteit heeft.

3.Grondslag en inhoud van het EAB

In het EAB wordt melding gemaakt van een
order for precautionary custody by the judge of preliminary investigationsvan
the court of Veronavan 26 april 2021 met kenmerk 848/2020 R.G.N.R. en 282/2021 R.G.G.I.P.
De overlevering wordt verzocht ten behoeve van een door de justitiële autoriteiten van de uitvaardigende lidstaat ingesteld strafrechtelijk onderzoek ter zake van het vermoeden dat de opgeëiste persoon zich schuldig heeft gemaakt aan naar Italiaans recht strafbare feiten.
Deze feiten zijn omschreven in onderdeel e) van het EAB. Een door de griffier gewaarmerkte fotokopie van dit onderdeel is als bijlage aan deze uitspraak gehecht.

4.Strafbaarheid

Feiten vermeld op bijlage 1 bij de OLW
Onderzoek naar de dubbele strafbaarheid van de feiten waarvoor de overlevering wordt verzocht, moet achterwege blijven, nu de uitvaardigende justitiële autoriteit de strafbare feiten heeft aangeduid als feiten vermeld in de lijst van bijlage 1 bij de OLW. De feiten vallen op deze lijst onder nummer 6 en 14, te weten:
moord en doodslag, zware mishandeling;
illegale handel in wapens, munitie en explosieven.
Volgens de in rubriek c) van het EAB vermelde gegevens is op deze feiten naar Italiaans recht een vrijheidsstraf met een maximum van ten minste drie jaren gesteld.

5.Onschuldverweer

De opgeëiste persoon heeft verklaard niet schuldig te zijn aan de feiten. Hij heeft dit echter tijdens het verhoor ter zitting niet aangetoond.
De onschuldbewering kan dan ook niet leiden tot weigering van de overlevering.

6.Detentieomstandigheden

De raadsman heeft om aanhouding verzocht teneinde informatie op te vragen omtrent de detentie-instelling waar de opgeëiste persoon na overlevering terecht zal komen. De raadsman heeft gesteld dat moet worden afgeweken van het door de rechtbank bij uitspraak ECLI:NL:RBAMS:2021:1804 bepaalde, namelijk dat de door de Italiaanse autoriteiten verstrekte detentiegaranties neergelegd in het schrijven van respectievelijk 2 en 4 maart 2020 voor elke opgeëiste persoon gelden. Hiertoe heeft hij aangevoerd dat na de brieven van 2 en 4 maart 2020 een filmopname is gemaakt in een detentie-instelling in Napels. Deze opname toont de situatie in gevangenissen. De minister-president van Italië Draghi heeft naar aanleiding van deze video aangekondigd dat hervormingen in het gevangeniswezen noodzakelijk zijn. Om deze reden is het noodzakelijk voor individuele opgeëiste personen duidelijk te hebben in welke detentie-instelling zij terecht komen en of deze instelling is beschreven in het rapport van de non-gouvernementele organisatie [naam] .
De officier van justitie heeft zich verzet tegen de gevraagde aanhouding en zich op het standpunt gesteld dat de overlevering kan worden toegestaan. Het door de raadsman aangehaalde incident op de video-opname in de Napolitaanse detentie-instelling is niet relevant in deze zaak. De premier heeft aangekondigd dergelijke situaties onacceptabel te vinden en er tegen op te willen treden. Het bepaalde in ECLI:NL:RBAMS:2021:1804 is nog steeds van toepassing.
De rechtbank is van oordeel dat geen reden bestaat af te wijken van haar standpunt zoals neergelegd in de uitspraak gepubliceerd onder nummer ECLI:NL:RBAMS:2021:1804. De garanties van 2 en 4 maart 2020 zijn nog altijd van toepassing. De door de raadsman overlegde informatie betreft een incident; niet is gebleken van objectieve, betrouwbare, nauwkeurige en naar behoren bijgewerkte gegevens over de omstandigheden in detentie-instellingen in Italië die zouden moeten leiden tot de conclusie dat er een algemeen reëel gevaar bestaat voor een onmenselijke of vernederende behandeling voor de opgeëiste persoon. Het verzoek om aanhouding wordt verworpen.

7.Slotsom

Nu is vastgesteld dat het EAB voldoet aan de eisen van artikel 2 OLW Pro en ook overigens geen weigeringsgronden aan de overlevering in de weg staan, dient de overlevering te worden toegestaan.

8.Toepasselijke wetsartikelen

De artikelen 2, 5 en 7 OLW.

9.Beslissing

STAAT TOEde overlevering van
[opgeëiste persoon]aan de
Preliminary Investigations Judge at the Court of Verona, Italië.
Aldus gedaan door
mr. H.P. Kijlstra, voorzitter,
mrs. J.P.W. Helmonds en C. Klomp rechters,
in tegenwoordigheid van mr. K. Spanjaart, griffier,
en uitgesproken ter openbare zitting van 10 augustus 2021.
Ingevolge artikel 29, tweede lid, OLW staat tegen deze uitspraak geen gewoon rechtsmiddel open.