Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De beschuldiging
3.De geldigheid van de dagvaarding
4.De waardering van het bewijs
5.De bewezenverklaring
- doorgeladen vuurwapens, te weten een automatisch militair aanvalsgeweer (CZ, Vz-58) en een pistool (Glock),
- een patroonmagazijn (met daarin patronen 10 mm),
- een gestolen auto van het merk Volkswagen, type Caddy, voorzien van valse kentekenplaten,
- een jerrycan met benzine,
- een zwarte bivakmuts, een zwarte pet en een zwarte bandana,
- zwarte handschoenen en
- telefoons,
6.De motivering van de straf
7.Het beslag
8.De benadeelde partijen en de schadevergoedingsmaatregel
9.De toepasselijke wettelijke voorschriften
10.De beslissing
[verdachte], daarvoor strafbaar.
gevangenisstrafvan
9 (negen) jaar.
benadeelde partij [slachtoffer 3]toe tot een bedrag van
€ 750,00 (zevenhonderdvijftig euro)aan vergoeding van immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade (28 januari 2021) tot aan de dag van de algehele voldoening.
ten behoeve van [slachtoffer 3] aan de Staat € 750,00 (zevenhonderdvijftig euro)te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade (28 januari 2021) tot aan de dag van de algehele voldoening.
benadeelde partij [slachtoffer 4]toe tot een bedrag van
€ 750,00 (zevenhonderdvijftig euro)aan vergoeding van immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade (28 januari 2021) tot aan de dag van de algehele voldoening.
ten behoeve van [slachtoffer 4] aan de Staat € 750,00 (zevenhonderdvijftig euro)te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade (28 januari 2021) tot aan de dag van de algehele voldoening.
benadeelde partij [slachtoffer 2]toe tot een bedrag van
€ 750,00 (zevenhonderdvijftig euro)aan vergoeding van immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade (28 januari 2021) tot aan de dag van de algehele voldoening.
ten behoeve van [slachtoffer 2] aan de Staat € 750,00 (zevenhonderdvijftig euro)te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade (28 januari 2021) tot aan de dag van de algehele voldoening.