Verdachte werd ten laste gelegd dat hij op 29 januari 2022 te Amsterdam melk en drank heeft weggenomen door middel van braak en inklimming. De rechtbank achtte dit bewezen op basis van aangifte en camerabeelden.
Psychiater dr. J. van der Meer stelde vast dat verdachte lijdt aan een ongespecificeerde schizofreniespectrumstoornis en een stoornis in middelengebruik, wat mede heeft bijgedragen aan het strafbare gedrag. Verdachte vertoont een hoog recidiverisico en eerdere ambulante en klinische interventies zijn niet geslaagd.
De reclassering bevestigde het hoge risico op recidive en het ontbreken van stabiele leefomstandigheden. Verdachte is wisselend in zijn uitspraken over terugkeer naar zijn geboorteland, maar staat open voor behandeling.
De rechtbank concludeerde dat de ISD-maatregel noodzakelijk is ter beveiliging van de maatschappij en om recidive te voorkomen. Daarom werd de maatregel voor de maximale duur van twee jaren opgelegd zonder aftrek van voorarrest.
Daarnaast verklaarde de rechtbank een mes verbeurd. Het vonnis werd gewezen door de meervoudige kamer van de rechtbank Amsterdam op 21 juli 2022.