Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER
1.Procesgang
2.Identiteit van de opgeëiste persoon
3.Grondslag en inhoud van het EAB
Form Abehorende bij het EAB wordt melding gemaakt van een afzonderlijk bevel tot aanhouding bij verstek dat - is uitgevaardigd door een onderzoeksrechter bij de Rechtbank van Eerste Aanleg Antwerpen, afdeling Antwerpen (België) op 19 mei 2022 (referentie: 2021/148).
4.Genoegzaamheid
5.Strafbaarheid: feit vermeld op bijlage 1 bij de OLW
6.Artikel 6, derde lid, OLW
Op de heer [opgeëiste persoon] is de veelplegersnorm van toepassing zoals neergelegd in artikel 3.86, lid 5, van het Vreemdelingenbesluit. Met de voorziene eis van 25 maanden zou de totale gevangenisstraf de maximaal toelaatbare veertien maanden overschrijden. Hoewel de verblijfsduur langer dan tien jaar is, staat artikel 3.86, lid 10 niet aan intrekking in de weg omdat er ook een veroordeling is voor een drugsdelict met een strafmaximum van zes jaar of meer (2018).
7.Weigeringsgrond als bedoeld in artikel 13 OLW Pro
8.Detentieomstandigheden
9.Slotsom
10.Toepasselijke wetsartikelen
11.Beslissing
[opgeëiste persoon]aan de Rechtbank van Eerste Aanleg Antwerpen, afdeling Antwerpen (België) voor het feit zoals dat is omschreven in onderdeel e) van het EAB.