Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Voorvragen
Bij deelneming van meer dan één persoon aan hetzelfde strafbare feit brengt de bevoegdheid ten aanzien van één der als daders of medeplichtigen aansprakelijke personen de bevoegdheid mede ten aanzien van de andere.”
[slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] zijn in Antwerpen om het leven gebracht en aan verdachte is telkens primair ten laste gelegd dat hij die feiten heeft (mede)gepleegd in Antwerpen. Subsidiair is hem ten laste gelegd dat hij die feiten te Antwerpen en op verschillende plaatsten in Nederland heeft uitgelokt. De officieren van justitie hebben aangevoerd dat nu de tenlastegelegde feiten mede in Nederland zijn gepleegd, Nederland rechtsmacht toekomt. Ten aanzien van het subsidiair tenlastegelegde is dat juist. Met betrekking tot het primair tenlastegelegde geldt echter dat geen Nederlandse pleegplaats in de tenlastelegging is opgenomen. In zoverre kan daaraan geen rechtsmacht worden ontleend. Dat staat echter aan de ontvankelijkheid van het openbaar ministerie niet in de weg.
4.Vrijspraak
.
5.Beslissing
niet bewezenen
spreekt verdachte daarvan vrij.
bevel tot voorlopige hechtenisvan verdachte.
.