Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.De procedure
- de dagvaarding van 16 november 2022 met producties,
- de conclusie van antwoord met producties,
- het tussenvonnis van 9 februari 2023, waarbij een mondelinge behandeling is bepaald,
- producties 19 tot en met 32 van MHC,
- producties 10 tot en met 14 van [gedaagde] ,
- de mondelinge behandeling van 10 mei 2023.
2.Het geschil
- € 19.500,- aan hoofdsom,
- € 3.852,99 aan rente over de hoofdsom tot 1 november 2022,
- de rente over de hoofdsom vanaf 2 november 2022,
- € 1.173,70 aan buitengerechtelijke incassokosten,
- de proceskosten.
3.De beoordeling
‘MHC beperkt haar vordering tot € 25.000,-, maar behoudt uitdrukkelijk het recht voor op in hoger beroep, dan wel in een andere procedure, een hogere of een andere vordering in te stellen’.