Op 9 mei 2019 vond een worsteling plaats bij het bedrijfspand van verdachte waarbij een gaspistool van hem werd afgepakt door vier mannen. Verdachte werd beschuldigd van bedreiging, mishandeling en het bezit van een gaspistool Zoraki 918 T en 87 knalpatronen.
De rechtbank oordeelde dat het bezit van het gaspistool en de munitie bewezen was, mede door vondst van het wapen en patronen in het pand en de bekennende verklaring van verdachte. De bedreiging en mishandeling konden echter niet worden bewezen, ondanks verklaringen van aangevers, vanwege tegenstrijdigheden en het ontbreken van bewijs op camerabeelden.
De rechtbank sprak verdachte vrij van bedreiging en mishandeling, maar veroordeelde hem voor het bezit van het gaspistool en de munitie. Gezien het tijdsverloop en eerdere veroordelingen legde de rechtbank een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf van één maand op met een proeftijd van één jaar. De wapens en munitie werden onttrokken aan het verkeer, overige in beslag genomen voorwerpen werden aan verdachte geretourneerd.
Benadeelde partijen werden niet-ontvankelijk verklaard in hun schadevorderingen omdat de feiten waarvoor zij schade vorderden niet bewezen waren. De rechtbank benadrukte het gevaar van vuurwapengeweld in Amsterdam en de ernst van het bezit van een gaspistool dat voor derden niet van een echt vuurwapen te onderscheiden is.