1.6.Met het bestreden besluit heeft verweerder het bezwaar van eiseres gegrond verklaard. Verweerder heeft aan dit besluit de rapportage van de verzekeringsarts bezwaar en beroep van 8 juni 2022 en de rapportage van de arbeidsdeskundige bezwaar en beroep van 22 juni 2022 ten grondslag gelegd. De verzekeringsarts bezwaar en beroep ziet in de heroverweging in bezwaar geen aanleiding om eiseres meer beperkt te achten dan is neergelegd in de FML van 15 maart 2022. De arbeidsdeskundige bezwaar en beroep heeft twee van de eerder geselecteerde functies verworpen. Vervolgens heeft zij het arbeidsongeschiktheidspercentage van eiseres opnieuw berekend. Volgens de arbeidsdeskundige bezwaar en beroep is eiseres per 1 november 2021 46,39% arbeidsongeschikt. Met het nieuwe arbeidsongeschiktheidspercentage valt eiseres alsnog in de arbeidsongeschiktheidsklasse van 45 tot 55% .
Het oordeel van de rechtbank
2. De rechtbank moet de vraag beantwoorden of verweerder op goede gronden eiseres per 1 november 2021 (datum in geding) voor 46,39% arbeidsongeschikt heeft geacht.
3. Om de mate van arbeidsongeschiktheid te bepalen dient eerst te worden vastgesteld welke medische beperkingen eiseres heeft en vervolgens wat de invloed van deze beperkingen is op haar verdienvermogen. Volgens vaste rechtspraak mag verweerder zijn besluiten over arbeidsongeschiktheid in principe baseren op rapporten van zijn verzekeringsartsen. Deze rapporten moeten dan wel aan een aantal voorwaarden voldoen: zij moeten op zorgvuldige wijze tot stand zijn gekomen, ze mogen geen tegenstrijdigheden bevatten en de conclusies moeten logisch voortvloeien uit de rapporten. Het is aan eiseres om aannemelijk te maken dat de rapporten die over haar zijn opgesteld niet aan deze vereisten voldoen.
Ten aanzien van het medisch onderzoek
4. De rechtbank is van oordeel dat het medisch onderzoek zorgvuldig is verricht en voldoet aan de daaraan te stellen eisen. De verzekeringsarts bezwaar en beroep heeft eiseres op 2 juni 2022 onderzocht op een spreekuur. Naar aanleiding van de door eiseres ingediende bezwaren heeft de verzekeringsarts bezwaar en beroep het medische oordeel van de primaire verzekeringsarts getoetst aan de hand van dossierstudie, informatie verkregen vanuit de hoorzitting, de resultaten van het door de verzekeringsarts bezwaar en beroep verrichte onderzoek op het spreekuur en aanvullende informatie verkregen van de neurochirurg. De rechtbank oordeelt dat de verzekeringsarts bezwaar en beroep de naar voren gebrachte klachten op een zorgvuldige en duidelijke manier heeft betrokken bij de medische beoordeling. Dat geldt ook voor de in het dossier aanwezige informatie van de behandelaren. Naar het oordeel van de rechtbank zijn alle medische gegevens op een deugdelijke en kenbare wijze betrokken bij de medische beoordeling en is het onderzoek zorgvuldig geweest.
5. Voor zover eiseres stelt dat het onderzoek onzorgvuldig is, omdat de verzekeringsarts bezwaar en beroep geen contact heeft opgenomen met haar behandelend neuroloog, overweegt de rechtbank als volgt. De verzekeringsarts bezwaar en beroep voert aan dat behandeling van arbeidsongeschiktheid en beoordeling daarvan bewust gescheiden zijn ten behoeve van een zuivere beoordeling. De behandelaar stelt de medische feiten op schrift, en dat is in dit geval gebeurd. De beoordeling van de belastbaarheid is vervolgens een verzekeringsgeneeskundig vraagstuk. Bovendien is de visie van de neuroloog bekend uit voorgaande procedures en is er een onafhankelijk expertise verricht. Naar de mening van de verzekeringsarts bezwaar en beroep had overleg dus geen toegevoegde waarde. De rechtbank vindt deze motivering navolgbaar. De beroepsgrond slaagt niet.
6. Eiseres stelt zich op het standpunt dat de verzekeringsarts bezwaar en beroep haar beperkingen onjuist heeft vastgesteld. Eiseres ervaart cognitieve klachten en door de fysieke aanwezigheid van de ventriculoperitoneale drain ook klachten bij – onder meer - het bukken, buigen, torderen, traplopen, tillen en dragen. Verder voert eiseres aan dat zij niet in staat is om 25 uur per week te werken, zoals dat nu is aangenomen in de FML. De verzekeringsarts bezwaar en beroep had meer beperkingen moeten aannemen. Eiseres is van mening dat zij op datum in geding volledig en duurzaam arbeidsongeschikt is. Ook bestrijdt eiseres dat tijdens het expertise onderzoek van Psyon sprake was van onderpresteren en overrapporteren. Volgens eiseres worden de resultaten van het onderzoek veroorzaakt door beschadiging van haar hersenen waardoor zij blijvende cognitieve klachten heeft ontwikkeld.
7. De rechtbank stelt vast dat eiseres deze beroepsgronden ook al heeft aangevoerd in een voorgaande beroepsprocedure bij deze rechtbanken in een hoger beroepsprocedure bij de Centrale Raad van Beroep. Het beroep en hoger beroep van eiseres zijn ongegrond verklaard. Deze rechtbank heeft geen concreet aanknopingspunt gezien om aan de conclusies van de verzekeringsarts bezwaar en beroep te twijfelen en de Centrale Raad van Beroep heeft vervolgens de aangevallen uitspraak bevestigd. De rechtbank ziet nu geen aanleiding om anders te oordelen ten aanzien van deze beroepsgronden. De beroepsgronden slagen dus niet.
8. Eiseres heeft in de onderhavige procedure aanvullend een brief van de neurochirurg van 19 mei 2022 ingediend. Naar de mening van eiseres heeft deze brief ten onrechte niet geleid tot het aannemen van meer beperkingen in de rubrieken persoonlijk en sociaal functioneren. De verzekeringsarts bezwaar en beroep voert aan dat deze informatie in de rapportage is genoemd. Het schrijven van de neuroloog ondersteunt dat er restbeperkingen zijn, maar de aanvullende beperkingen die volgens eiseres moeten worden aangenomen, kunnen hiermee niet onderbouwd worden. Medisch inhoudelijk worden geen nieuwe feiten of gegevens aangevoerd, aldus de verzekeringsarts bezwaar en beroep. Volgens de verzekeringsarts bezwaar en beroep is de brief van 19 mei 2022 in wezen niet anders dan de brief van 28 augustus 2020. In voorgaande procedures is de brief van de neurochirurg van
28 augustus 2020 bij de beoordeling betrokken. Naar de mening van de verzekeringsarts bezwaar en beroep blijkt er in de situatie van eiseres ook feitelijk niets veranderd te zijn. Samenvattend blijkt uit de brieven dat de neurochirurg zich goed kan voorstellen dat eiseres bepaalde cognitieve klachten blijft houden. De verzekeringsarts bezwaar en beroep voert aan dat hij dit in de voorgaande procedure nu juist heeft getracht te objectiveren, waarbij dit niet bevestigd kon worden. De verzekeringsarts bezwaar en beroep geeft aan dat zijn eigen waarnemingen hiermee overeenstemmen. De rechtbank vindt deze motivering navolgbaar. De rechtbank stelt, in overeenstemming met de visie van de verzekeringsarts bezwaar en beroep, vast dat eiseres in deze procedure geen nieuwe medische informatie heeft ingebracht. De beroepsgrond slaagt niet.
9. De rechtbank ziet geen aanleiding om aan de bevindingen en het medisch oordeel van de verzekeringsarts bezwaar en beroep te twijfelen. De rechtbank ziet daarom geen aanleiding voor het benoemen van een onafhankelijke deskundige. De rechtbank gaat uit van de juistheid van de door de verzekeringsarts bezwaar en beroep aangenomen beperkingen van eiseres in de FML van 15 maart 2022. Dit betekent dat het besluit op een deugdelijke medische grondslag berust.
Ten aanzien van het arbeidskundig onderzoek
10. De rechtbank stelt vast dat de arbeidsdeskundige bezwaar en beroep in de rapportage van 22 juni 2022 eiseres, gelet op de aangenomen beperkingen, geschikt heeft geacht voor de functies van kassamedewerker, caissière, huishoudelijk medewerker (excl. particulieren) en huishoudelijk medewerker gebouwen. Daarnaast heeft de arbeidsdeskundige bezwaar en beroep de functies assemblage medewerker elektrotechnische producten, productiemedewerker metaal en elektro-industrie en medewerker tuinbouw als overige functies geselecteerd.
11. De rechtbank is van oordeel dat verweerder, gelet op de inzichtelijke arbeidsdeskundige onderbouwing bij de selectie van de functies aan de hand van alle beschikbare medische informatie, voldoende heeft gemotiveerd dat de belasting in de geduide functies de vastgestelde medische belastbaarheid van eiseres niet overschrijdt. Daar waar sprake is van signaleringen en mogelijke overschrijdingen, heeft de arbeidsdeskundige voldoende onderbouwd waarom de geduide functies geschikt zijn voor eiseres.
12. Voor zover eiseres specifiek per functie aangeeft waarom de functie niet geschikt is, overweegt de rechtbank als volgt. Voor het beoordelen van de geschiktheid voor de geduide functies dient te worden uitgegaan van de beperkingen die de verzekeringsarts heeft aangenomen in de FML van 15 maart 2022. De arbeidsdeskundige bezwaar en beroep voert aan dat er geen beperkingen zijn aangenomen door de verzekeringsarts ten aanzien van hoofdbewegingen maken, reiken en frequent reiken tijdens werk, torderen, duwen en trekken, lopen, traplopen, buigen, knielen of hurken, geknield of gehurkt actief zijn, gebogen en/of getordeerd actief zijn, boven schouderhoogte actief zijn en het hoofd in een bepaalde stand houden. Daarom acht hij de geduide functies geschikt voor eiseres. De rechtbank stelt vast dat er inderdaad geen beperkingen zijn aangenomen door de verzekeringsarts ten aanzien van de door eiseres gestelde punten. De rechtbank is van oordeel dat de functies met de vastgestelde beperkingen om die reden kunnen worden uitgeoefend.
13. Uit het vorenstaande volgt dat het bestreden besluit op een deugdelijke arbeidskundige grondslag berust. De beroepsgrond slaagt niet.
14. Het bestreden besluit berust op een deugdelijke medische en arbeidskundige grondslag. Verweerder heeft eiseres per 1 november 2021 op goede gronden 46,39% arbeidsongeschikt geacht.
15. Het beroep van eiseres is ongegrond. Dit betekent dat zij geen gelijk krijgt. Omdat eiseres in beroep geen gelijk krijgt, worden de door haar gemaakte proceskosten of het betaalde griffierecht niet vergoed.