ECLI:NL:RBAMS:2023:5364

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
21 augustus 2023
Publicatiedatum
21 augustus 2023
Zaaknummer
13/046975-23 (AB I)
Instantie
Rechtbank Amsterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Eerste en enige aanleg
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 3 Uitvoeringswet Handels- en Samenwerkingsovereenkomst EU – VK Justitie en VeiligheidArt. 23 OverleveringswetArt. 598 Handels- en Samenwerkingsovereenkomst EU – VKArt. 29, tweede lid, Overleveringswet
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid Openbaar Ministerie bij ingetrokken aanhoudingsbevel uit VK

De rechtbank Amsterdam behandelde op 16 mei 2023 een vordering van het Openbaar Ministerie tot in behandeling neming van een aanhoudingsbevel (AB I) uit het Verenigd Koninkrijk, uitgevaardigd op 25 januari 2023 door de Boyd Lancashire Magistrates Court. Dit bevel betrof de aanhouding en overlevering van een persoon zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland, gedetineerd in een Justitieel Centrum.

Tijdens de zitting werd de identiteit van de opgeëiste persoon vastgesteld en bevestigd. Het Openbaar Ministerie vorderde niet-ontvankelijkheid omdat de Britse autoriteiten het oorspronkelijke aanhoudingsbevel hadden ingetrokken en vervangen door een tweede aanhoudingsbevel.

De rechtbank oordeelde dat het Openbaar Ministerie daarom niet ontvankelijk is in de vordering tot behandeling van het ingetrokken aanhoudingsbevel. Tevens stelde de rechtbank vast dat de overleveringsdetentie met betrekking tot dit aanhoudingsbevel is beëindigd. Tegen deze uitspraak staat geen gewoon rechtsmiddel open.

Uitkomst: Het Openbaar Ministerie wordt niet-ontvankelijk verklaard in de vordering tot behandeling van het ingetrokken aanhoudingsbevel en de overleveringsdetentie wordt beëindigd.

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM
INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER
Parketnummer: 13/046975-23 (AB I)
Datum uitspraak: 30 mei 2023
UITSPRAAK
op de vordering ex artikel 3 Uitvoeringswet Pro Handels- en Samenwerkingsovereenkomst
EU – VK Justitie en Veiligheid (Uitvoeringswet) juncto artikel 23 Overleveringswet Pro (OLW), ingediend door de officier van justitie bij deze rechtbank.
Deze vordering dateert van 10 maart 2023 en betreft onder meer het in behandeling nemen van een Aanhoudingsbevel (hierna AB I) als bedoeld in artikel 598 van Pro de Handels- en Samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Unie en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie, enerzijds, en het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland, anderzijds (HSO).
AB I is uitgevaardigd op 25 januari 2023 door
the Boyd Lancashire Magistrates Court sitting at Blackburn(Verenigd Koninkrijk) en strekt tot de aanhouding en overlevering van:
[opgeëiste persoon]
geboren te [geboorteplaats] (Verenigd Koninkrijk) op [geboortedag] 1987
zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland
gedetineerd in het Justitieel Centrum [naam PI]
hierna te noemen de opgeëiste persoon.

1.Procesgang

De vordering is behandeld op de openbare zitting van 16 mei 2023. Het verhoor heeft plaatsgevonden in tegenwoordigheid van de officier van justitie mr. C.L.E. McGivern.
De opgeëiste persoon is bijgestaan door zijn raadsman, mr. A.W.J. van Galen, advocaat te Amsterdam en door een tolk in de Engelse taal.

2.Identiteit van de opgeëiste persoon

De rechtbank heeft de identiteit van de opgeëiste persoon onderzocht. De opgeëiste persoon heeft ter zitting verklaard dat de bovenvermelde personalia juist zijn en dat hij de nationaliteit heeft van het Verenigd Koninkrijk.

3.Ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie

De officier van justitie vordert de niet ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie nu de autoriteiten van het Verenigd Koninkrijk AB I hebben ingetrokken en hebben vervangen door een tweede Aanhoudingsbevel.
De rechtbank zal gelet op het bovenstaande het Openbaar Ministerie niet ontvankelijk verklaren in de vordering tot behandeling van AB I.

4.Beslissing

VERKLAARThet Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk in de vordering tot het in behandeling nemen van AB I
.
STELT VASTdat de overleveringsdetentie is beëindigd voor wat betreft AB I.
Deze uitspraak is gedaan door
mr. M.M.L.A.T. Doll, voorzitter,
mrs. P. van Kesteren en H.P. Kijlstra, rechters,
in tegenwoordigheid van mr. H.L. van Loon, griffier,
en in het openbaar uitgesproken op de zitting van 30 mei 2023.
Ingevolge artikel 29, tweede lid, OLW staat tegen deze uitspraak geen gewoon rechtsmiddel open.