Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER
Prosecutor General’s Office of the Republic of Latvia(Letland) (hierna: de uitvaardigende justitiële autoriteit) en strekt tot de aanhouding en overlevering van:
1.Procesgang
mr. M.L. van Gessel, beiden advocaat in Amsterdam, en door een tolk in de Letse taal.
2.Identiteit van de opgeëiste persoon
3.Grondslag en inhoud van het EAB
decision of the Riga City Vidzeme Suburb Court(Letland)
of 22 February 2022 on the application of arrest to the accused [opgeëiste persoon] .
4.Strafbaarheid
5.Overige verweren
5 april 2016 (C-404/15 en C-659/15 PPU, r.o. 88 en 89, ECLI:EU:C:2016:198,
Aranyosi en Căldăraru) is de rechterlijke autoriteit van de uitvoerende lidstaat wanneer zij bewijzen heeft dat er een reëel gevaar bestaat dat personen die in de uitvaardigende lidstaat zijn gedetineerd, onmenselijk of vernederend - afgemeten aan het beschermingscriterium van de door het Unierecht en met name door artikel 4 van Pro het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie (
hierna: Handvest) gewaarborgde grondrechten - worden behandeld, verplicht om te beoordelen of dit gevaar bestaat voor de opgeëiste persoon tegen wie een EAB is uitgevaardigd. De tenuitvoerlegging van een EAB mag immers niet leiden tot onmenselijke of vernederende behandeling van die persoon.
the European Committee for the Prevention of Torture and Inhuman or Degrading Treatment or Punishment (hierna: CPT)dergelijke objectieve, betrouwbare, nauwkeurige en naar behoren bijgewerkte gegevens.
Daugavgriva Prison,
Jelgava Prisonen
Riga Central Prisonzijn bezocht. Samengevat komt uit dit rapport naar voren dat het CPT het betreurt dat niet al haar eerdere aanbevelingen zijn opgevolgd en dat dit in het bijzonder ziet op het geweld onder gedetineerden, de materiële detentieomstandigheden, waaronder begrepen de slechte hygiëne, en de ontoereikende gezondheidszorg in de detentie-instellingen.
Riga Central Prison. In
Jelgava Prisonen
Daugavgrīva Prisonbleef het geweld onder gevangenen wel een ernstig probleem. Net als in het verleden leek dit het resultaat van een combinatie van factoren, voornamelijk het bestaan van informele hiërarchieën tussen gedetineerden en onvoldoende aanwezigheid van personeel in de verblijfsruimten van gedetineerden. In deze situatie leken bepaalde informele leiders (“watchers”) een bevoorrechte positie in te nemen en de interne orde te handhaven. Degenen die het hardst hierdoor werden getroffen, bleken de gedetineerden afkomstig van de laagste ‘kaste’ (“untouchables”). Vele gedetineerden die tot de zogenaamde “untouchables” behoorden, vertelden dat zij alleen veilig waren (dat wil zeggen: niet met onder meer fysiek geweld, afpersing en psychische druk werden geconfronteerd) als zij een cel of een slaapzaal konden delen met gevangenen van dezelfde ‘kaste’ en dat zij nergens anders welkom waren.
Riga Central Prisonzijn de toiletten in de meerpersoonscellen (nog steeds) niet volledig afgescheiden. Nog zorgwekkender was het wijdverbreide probleem van bedwantsen-plagen in het hele etablissement, waardoor veel gedetineerden zichtbare beten op hun huid hadden. Gedetineerden meldden dat het probleem zo ernstig was dat ze er 's nachts niet van konden slapen. Daarnaast bleek dat een specifieke sectie (de Grīva-sectie) in de
Daugavgrīva Prisonover het algemeen geen behoorlijke accommodatie bood voor gedetineerden, vanwege het verouderde ontwerp en de mate van verval van de faciliteiten. Als voorbeeld wordt genoemd Blok 3 van de Grīva-sectie, waar veel gevangenen waren ondergebracht in grote cellen met tot 16 bedden. Blok 3 van de Grīva-sectie verkeerde in verregaande staat van verval (bijvoorbeeld afbrokkelende en vuile muren, zwaar versleten en soms zelfs verrotte vloeren en vervallen meubels) en was zwaar getroffen door vochtigheid vanwege het ontbreken van een werkend ventilatiesysteem. In
Jelgava prisonleidde de staat van verval van de accommodatiezones van het “low level-regime” en van de buitenterreinen eveneens tot ernstige zorgen. De staat van onderhoud van die panden was bovendien verslechterd sinds het laatste CPT-bezoek. Veel cellen in het hele etablissement profiteerden nog steeds niet van voldoende toegang tot natuurlijk licht en ventilatie. De toiletten in de cellen waren nog steeds niet afgescheiden en verspreidden een vieze geur in de cellen.
algemenereële gevaar. Daartoe dient de rechtbank de uitvaardigende rechterlijke autoriteit dringend te verzoeken om alle noodzakelijke aanvullende gegevens te verstrekken met betrekking tot de omstandigheden waaronder de opgeëiste persoon naar verwachting in Letland zal worden gedetineerd. [4]
interprisoner violenceen wordt onderworpen aan de hierboven vermelde – door het CPT als probleempunten aangemerkte- omstandigheden?
6.Beslissing
SCHORSThet onderzoek ter zitting tot een nader te bepalen zittingsdatum
[opgeëiste persoon]aan de
Prosecutor General’s Office of the Republic of Latvia(Letland) voor de feiten zoals die zijn omschreven in onderdeel e) van het EAB.