Uitspraak
RECHTBANK Amsterdam
1.De procedure
- de akte bewijsaanbod getuigen van Benfield Holding van 8 maart 2023,
Rechtbank Amsterdam
In deze civiele procedure tussen Bruductions Holding B.V. en D.C. Benfield Holding B.V. stond de opeisbaarheid van een rekening-courantvordering en de verrekening daarvan met de koopprijs van aandelen centraal. Na een tussenvonnis is partijen gelegenheid gegeven hun standpunten nader toe te lichten, waarbij Bruductions stelde dat de rekening-courantvordering opeisbaar is en verrekend moet worden met de koopprijs.
Benfield Holding betwistte de opeisbaarheid omdat volgens haar de rekening-courantvorderingen zouden worden verrekend met dividenduitkeringen die nog niet hadden plaatsgevonden. De rechtbank concludeerde echter dat partijen in een tweede minnelijke regeling hadden afgesproken hetzelfde uitgangspunt te hanteren als in de eerste regeling, namelijk verrekening met de koopsom. Omdat Benfield Holding deze uitleg niet betwistte, oordeelde de rechtbank dat de vordering opeisbaar is en verrekening slaagt.
De rechtbank wees de vorderingen van Bruductions af omdat na verrekening nog een schuld resteert van €22.994,02 die Bruductions aan Benfield Holding moet voldoen. De conservatoire beslagen die Benfield Holding had gelegd, werden opgeheven omdat er geen aanleiding was deze onrechtmatig te achten. Beide partijen dragen hun eigen proceskosten vanwege het gedeeltelijk gelijk en ongelijk krijgen.
Uitkomst: Bruductions moet na verrekening nog €22.994,02 aan Benfield Holding betalen; haar vorderingen worden afgewezen en conservatoire beslagen opgeheven.