De Volkskrant verzocht de minister van Justitie en Veiligheid om documenten en communicatie over de executie van strafrechtelijke vonnissen openbaar te maken op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob). De minister wees dit verzoek in 2020 af en verklaarde het bezwaar in 2021 ongegrond. De Volkskrant stelde daarop beroep in bij de rechtbank Amsterdam.
De rechtbank constateerde dat de minister onvolledige zoekslagen had verricht en onvoldoende inzicht gaf in de aangetroffen documenten en toegepaste weigeringsgronden. Ook was de minister niet overgegaan tot toetsing aan de sinds mei 2022 geldende Wet open overheid (Woo). De rechtbank oordeelde dat de minister een nieuw besluit moest nemen met volledige motivering en toepassing van de Woo, waarbij ook documenten buiten de Dienst Justitiële Inrichtingen, zoals bij de FIOD en het Openbaar Ministerie, betrokken moeten worden.
Gezien de langdurige procedure van ruim drie jaar en het nalaten van tijdige en zorgvuldige besluitvorming, legde de rechtbank een dwangsom op voor elke dag dat de minister de termijn overschrijdt. Het beroep werd gegrond verklaard, het bestreden besluit en het aanvullende besluit werden vernietigd, en de minister werd opgedragen binnen zes weken een nieuw besluit te nemen.