ECLI:NL:RBAMS:2023:7613

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
29 november 2023
Publicatiedatum
30 november 2023
Zaaknummer
1324142223
Instantie
Rechtbank Amsterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Aangehouden
Procedures
  • Tussenuitspraak
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 4 Handvest van de grondrechten van de Europese UnieArt. 11 OverleveringswetArt. 22 OverleveringswetArt. 23 Overleveringswet
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Tussenuitspraak over detentiegarantie bij Europees aanhoudingsbevel uit Roemenië

De rechtbank Amsterdam behandelde op 15 november 2023 het Europees aanhoudingsbevel (EAB) uit Roemenië voor de overlevering van een persoon geboren in 2004 zonder vaste verblijfplaats in Nederland. Het EAB betreft een strafbaar feit volgens Roemeens recht, dat ook onder Nederlandse wetgeving valt als diefstal met inklimming.

De rechtbank beoordeelde de detentiegarantie die de Roemeense autoriteiten hebben verstrekt. Hoewel de garantie voldoende lijkt voor de detentie tijdens de strafuitvoering, is onduidelijk of deze ook geldt voor het regime in voorlopige hechtenis. Dit is relevant omdat de opgeëiste persoon eerst in voorarrest zal worden genomen.

De rechtbank besloot de zaak aan te houden om de uitvaardigende justitiële autoriteit aanvullende vragen te stellen over de toepassing van de detentiegarantie in de voorlopige hechtenis. De zaak wordt uiterlijk 14 december 2023 voortgezet, waarbij de opgeëiste persoon en een tolk opnieuw zullen worden opgeroepen.

Uitkomst: De rechtbank houdt de beslissing over de overlevering aan Roemenië aan vanwege onduidelijkheid over de detentiegarantie in voorlopige hechtenis.

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER

Parketnummer: 13/241422-23
Datum uitspraak: 29 november 2023
UITSPRAAK
op de vordering van 29 september 2023 van de officier van justitie bij deze rechtbank tot het in behandeling nemen van een Europees aanhoudingsbevel (EAB). [1]
Dit EAB is uitgevaardigd op 8 augustus 2023 door
the Court of Law in Sibiu,Roemenië, (hierna: de uitvaardigende justitiële autoriteit) en strekt tot de aanhouding en overlevering van:
[opgeëiste persoon] ,
geboren in [geboorteplaats] (Roemenië) op [geboortedag] 2004,
zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland,
gedetineerd in de Penitentiaire Inrichting [detentieplaats] ,
hierna ‘de opgeëiste persoon’.

1.Procesgang

De behandeling van het EAB heeft plaatsgevonden op de zitting van 15 november 2023, in aanwezigheid van mr. W.H.R. Hogewind, officier van justitie. De opgeëiste persoon is verschenen en bijgestaan door zijn raadsman, mr. R. Zilver, advocaat in Utrecht, en door een tolk in de Roemeense taal.
De rechtbank heeft de termijn waarbinnen zij op grond van de Overleveringswet (OLW) uitspraak moet doen over de verzochte overlevering met 30 dagen verlengd. [2]

2.Identiteit van de opgeëiste persoon

Ter zitting heeft de opgeëiste persoon verklaard dat de bovenvermelde persoonsgegevens juist zijn en dat hij de Roemeense nationaliteit heeft.

3.Grondslag en inhoud van het EAB

Het EAB vermeldt een aanhoudingsbevel:
the criminal conclusion No. 1167 on 19th July 2023 of the Court of Law in Sibiu irrevocable on 26th July 2023, by the criminal conclusion No. 91/26.07.2023 of The Court in Sibiu,met referentie 8700/306/2023/a1.1 van
the Court of Law in Sibiu.
De uitvaardigende justitiële autoriteit verzoekt de overlevering vanwege het vermoeden dat de opgeëiste persoon zich schuldig heeft gemaakt aan een naar Roemeens recht strafbaar feit. Dit feit is omschreven in het EAB. [3]

4.Strafbaarheid

Feit waarvoor dubbele strafbaarheid is vereist
De uitvaardigende justitiële autoriteit heeft het feit niet aangeduid als een feit waarvoor het vereiste van toetsing van dubbele strafbaarheid niet geldt. Overlevering kan in dat geval worden toegestaan, wanneer – kort gezegd - voldaan is aan het vereiste dat op het feit naar het recht van de uitvaardigende lidstaat een vrijheidsstraf met een maximum van ten minste twaalf maanden is gesteld en dat het feit ook naar Nederlands recht strafbaar is.
De rechtbank stelt op grond van het EAB, in samenhang gelezen met het A-formulier, vast dat hieraan is voldaan.
Het feit levert naar Nederlands recht op:
diefstal waarbij de schuldige zich de toeging tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van inklimming.

5.Artikel 11 OLW Pro Roemeense detentieomstandigheden

De raadsman heeft zich op het standpunt gesteld dat met de verstrekte individuele detentiegarantie ten behoeve van de opgeëiste persoon geen genoegen kan worden genomen, gelet op de algemene bewoordingen daarvan. De behandeling van de zaak moet daarom worden aangehouden om nadere vragen aan de uitvaardigende justitiële autoriteit te stellen.
De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat de verstrekte detentiegarantie afdoende is, zodat het reële gevaar op een onmenselijke of vernederende behandeling in detentie daarmee voor de opgeëiste persoon is weggenomen. De overlevering kan dan ook worden toegestaan.
De rechtbank heeft eerder geoordeeld dat vanwege de algemene detentieomstandigheden in Roemenië, waaronder met name de overbevolking in de gevangenissen, voor gedetineerden in Roemeense gevangenissen een reëel gevaar bestaat van onmenselijke of vernederende behandeling, zoals bedoeld in artikel 4 van Pro het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie (hierna: Handvest). [4]
De uitvaardigende justitiële autoriteit heeft bij brief van 18 oktober 2023 ten behoeve van de opgeëiste persoon een detentiegarantie verstrekt, waarin onder meer het volgende is opgenomen:
B. Custody in the penitentiary system under preventive arrest, during the trial:
According to annex No. 1 at The decision of the general manager of The National Administration of Penitentiaries No. 360/2020 regarding the profiling of subordinate holding places,The Penitentiary in Aiudis also designed for the custody of male convicts, over the age of 18, preventively arrested during the trial,available to the judicial bodies in the county of Sibiu.
Therefore, if the named person[opgeëiste persoon]is transferred to Romania and kept in the penitentiary system in order to execute the preventive arrest warrant, during the trial,he will most likely be held in The Penitentiary in Aiud, in order to appear before the court, at the deadlines established by the judicial bodies in the county of Sibiu ( The Court of Law in Sibiu), for which summonses were issued in his name.
After submitting the person in question to the penitentiary system by the police and until he is summoned, in order to be presented before the courts in the county of Sibiu, there is the possibility that part of the pre-trial detention period during the trial will also be executed in ether penitentiary units, other than that previously indicated, profiled on holding this category. Such situations can also be encountered in the case of summoning the detainee by judicial bodies in other counties.
(…)
People deprived of their libertybeing under preventive arrest during the trialand those who are serving a custodial sentence in aclosed regimewithin The Penitentiary in Aiud are guaranteed the right to a daily walkfor 3 hours.(…)
Considering the perspective of the implementation of the measures included in "The action plan for the period 2020 - 2025, developed in order to execute the decision­pilot Rezmives and others against Romania, as well as the decisions passed in the group of cases Bragadireanu against Romania', as well as the number of detainees currently in custody of The National Administration of Penitentiaries, following the criminal policies adopted by the Romanian state, The National Administration of Penitentiaries guarantees the provision of a minimum individual space of 3 square meters throughout the period of execution of the sentence, including the bed and related furniture,without including the space intended for the sanitary group.”
De rechtbank moet de detentieomstandigheden toetsen in de detentie-instelling waarin de opgeëiste persoon na zijn overlevering naar alle waarschijnlijkheid zal worden geplaatst. Voor de opgeëiste persoon geldt dat hij in Roemenië eerst zal worden vervolgd en dus eerst in voorarrest zal worden genomen. De rechtbank begrijpt dat de opgeëiste persoon tijdens zijn voorarrest in
the Penitentiary in Aiudzal worden geplaatst. De informatie zoals die is opgenomen in de verstrekte garantie lijkt echter met name te zien op de situatie in
the Penitentiary in Aiudtijdens de executie van een eventueel opgelegde straf. Zo is in onderdeel C en de laatste alinea van de individuele detentiegarantie opgenomen dat de opgeëiste persoon ten minste een individuele ruimte van 3 m2, exclusief de sanitaire voorzieningen, zal hebben tijdens
de executievan de straf. Het is de rechtbank niet duidelijk of alle verstrekte garanties ook gelden voor het detentieregime in voorarrest.
De rechtbank zal de behandeling van de zaak daarom aanhouden, om de uitvaardigende justitiële autoriteit in de gelegenheid te stellen de volgende vraag te beantwoorden;
- Gelden alle in de brief van 18 oktober 2023 verstrekte garanties ook voor het regime in voorarrest?

6.Beslissing

HEROPENTen
SCHORSThet onderzoek ter zitting tot een nader te bepalen zittingsdatum
en -tijd.
HOUDT AANde beslissing over de overlevering van
[opgeëiste persoon]aan
the Court of Law in Sibiu,Roemenië, voor het feit zoals dat is omschreven in onderdeel e) van het EAB.
BEPAALTdat de vordering opnieuw op zitting moet worden gepland op uiterlijk
14 december 2023.
BEVEELTde oproeping van de opgeëiste persoon tegen een nader te bepalen datum en
tijdstip, met tijdige kennisgeving daarvan aan zijn raadsman.
BEVEELTde oproeping van een tolk in de Roemeense taal tegen een nader te bepalen dag en tijdstip.
Deze uitspraak is gedaan door
mr. M.C.M. Hamer, voorzitter,
mrs. L. Sanders en B.M. Vroom-Cramer, rechters,
in tegenwoordigheid van mr. E.A. Harland, griffier,
en in het openbaar uitgesproken op de zitting van 29 november 2023.
Ingevolge artikel 29, tweede lid, OLW staat tegen deze uitspraak geen gewoon rechtsmiddel open.

Voetnoten

1.Zie artikel 23 Overleveringswet Pro.
2.Zie artikel 22, eerste en derde lid, OLW.
3.Zie onderdeel e) van het EAB.
4.Zie bijvoorbeeld rechtbank Amsterdam, 11 mei 2022, ECLI:NL:RBAMS:2022:2513, rechtsoverweging 5.