Uitspraak
1.De procedure
2.De feiten
3.Het verzoek, het verweer en het zelfstandig verzoek
4.De beoordeling
5.De beslissing
geboren te [geboorteplaats] , Portugal, op [geboortedatum] 2017,
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Amsterdam
Partijen, beiden van Portugese nationaliteit, hadden een relatie die in 2022 eindigde. Hun in Portugal geboren kind is erkend door de vader. De moeder was van rechtswege belast met het gezag. De rechtbank beoordeelde of het gezamenlijk gezag volgens Portugees recht was ontstaan en concludeerde dat partijen na de geboorte in Portugal een gezamenlijke huishouding voerden, waardoor gezamenlijk gezag ontstond. Dit gezag is niet gewijzigd na de verhuizing naar Nederland.
De vader verzocht om gezamenlijk gezag en een zorgregeling waarbij het kind om de week bij hem verblijft, met een specifieke regeling voor donderdagen en vakanties. De moeder verzette zich tegen co-ouderschap vanwege zorgen over het gedrag en de beschikbaarheid van de vader, maar kon deze zorgen onvoldoende onderbouwen.
De rechtbank stelde vast dat een week-op-week-af-regeling passend is bij de leeftijd van het kind en de omstandigheden. De vader zal minder gaan werken om meer tijd voor het kind te hebben. De rechtbank stelde de zorgregeling vast zoals verzocht door de vader.
De behoefte van het kind werd vastgesteld op €870 per maand. De draagkracht van de vader werd berekend op €2.674 per maand en die van de moeder op minimaal €25. Gezien de zorgregeling kreeg de vader een zorgkorting van 35%, waardoor hij €558 per maand aan kinderalimentatie aan de moeder moet betalen.
De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en kan binnen drie maanden worden aangevochten bij het Gerechtshof Amsterdam.
Uitkomst: De rechtbank verklaart gezamenlijk gezag en stelt een zorgregeling en kinderalimentatie van €558 per maand vast.