ECLI:NL:RBROT:2022:2106
Rechtbank Rotterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Beëindiging gezamenlijk ouderlijk gezag en toewijzing eenhoofdig gezag aan moeder
De rechtbank Rotterdam behandelde een verzoek van de moeder om het gezamenlijk ouderlijk gezag over haar minderjarige kind te beëindigen en haar het eenhoofdig gezag toe te kennen. De minderjarige is geboren in Portugal en heeft de Portugese nationaliteit, evenals de moeder. De vader is onbekend van nationaliteit en niet bereikbaar.
De rechtbank oordeelde dat formeel sprake was van gezamenlijk gezag op grond van Portugees recht, waarbij de uitoefening door de vader beperkt was. De vader erkende het kind, maar was sinds de geboorte vrijwel uit beeld en het contact verliep slechts sporadisch via sociale media en telefoon. Dit leidde tot praktische problemen voor de moeder bij het nemen van beslissingen voor het kind.
Gezien deze gewijzigde omstandigheden en het belang van het kind achtte de rechtbank het noodzakelijk het gezamenlijk gezag te beëindigen en het eenhoofdig gezag aan de moeder toe te wijzen. De rechtbank bepaalde dat van deze wijziging aantekening wordt gemaakt in het gezagsregister en dat elke partij de eigen proceskosten draagt.
Uitkomst: Het gezamenlijk gezag wordt beëindigd en het eenhoofdig gezag wordt toegewezen aan de moeder.