ECLI:NL:RBAMS:2023:8162

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
12 december 2023
Publicatiedatum
14 december 2023
Zaaknummer
13-257791-23
Instantie
Rechtbank Amsterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste en enige aanleg
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 311 SrArt. 2 OLWArt. 5 OLWArt. 7 OLWArt. 12 OLW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toestemming overlevering op grond van Europees aanhoudingsbevel met verzetgarantie

De rechtbank Amsterdam heeft op 12 december 2023 uitspraak gedaan over de vordering van de officier van justitie tot in behandeling neming van een Europees aanhoudingsbevel (EAB) uitgevaardigd door Hongarije. Het EAB betreft de aanhouding en overlevering van een persoon geboren in 1993 zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland, gedetineerd in Nederland.

De verdediging voerde aan dat de overlevering geweigerd moet worden op grond van artikel 12 OLW Pro omdat de verzetgarantie niet onvoorwaardelijk zou zijn en er onduidelijkheid bestaat over een herzieningsprocedure in Hongarije. De rechtbank oordeelde echter dat de verzetgarantie voldoet aan de eisen van artikel 12 sub d OLW Pro, waarbij de opgeëiste persoon na overlevering onverwijld geïnformeerd zal worden over zijn rechten op verzet of hoger beroep, inclusief de termijn daarvoor.

De rechtbank stelde vast dat het EAB voldoet aan de formele eisen en dat het feit waarvoor overlevering wordt verzocht, namelijk diefstal door twee of meer verenigde personen met braak, dubbele strafbaarheid vereist en aanwezig is. Er zijn geen weigeringsgronden van toepassing en de behandeling van de zaak werd niet aangehouden. De overlevering wordt daarom toegestaan.

De uitspraak is gedaan door drie rechters en is onherroepelijk, daartegen staat geen gewoon rechtsmiddel open.

Uitkomst: De rechtbank staat de overlevering van de opgeëiste persoon aan Hongarije toe op basis van een voldoende onvoorwaardelijke verzetgarantie.

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER

Parketnummer: 13/257791-23
Datum uitspraak: 12 december 2023
UITSPRAAK
op de vordering van 13 oktober 2023 van de officier van justitie bij deze rechtbank tot het in behandeling nemen van een Europees aanhoudingsbevel (EAB). [1]
Dit EAB is uitgevaardigd op 27 maart 2023 door
the Miskolc Regional Court, Penitentiary Unit, Hongarije, (hierna: de uitvaardigende justitiële autoriteit) en strekt tot de aanhouding en overlevering van:
[opgeëiste persoon],
geboren in [geboorteplaats] (Hongarije) op [geboortedag] 1993,
zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland,
gedetineerd in het [detentieadres],
hierna ‘de opgeëiste persoon’.

1.Procesgang

De behandeling van het EAB heeft plaatsgevonden op de zitting van 28 november 2023, in aanwezigheid van mr. C.L.E. Mcgivern, officier van justitie. De opgeëiste persoon is verschenen en bijgestaan door zijn raadsvrouw, mr. T.E. Korff, advocaat in Amsterdam en door een tolk in de Hongaarse taal.
De rechtbank heeft de termijn waarbinnen zij op grond van de Overleveringswet (OLW) uitspraak moet doen over de verzochte overlevering met 30 dagen verlengd. [2]

2.Identiteit van de opgeëiste persoon

Ter zitting heeft de opgeëiste persoon verklaard dat de bovenvermelde persoonsgegevens juist zijn en dat hij de Hongaarse nationaliteit heeft.

3.Grondslag en inhoud van het EAB

Het EAB vermeldt een
judgement of the District Court of Sátoraljaújhely dated 08 December 2021 and final on 04 February 2022, met referentie 14.B.172/2021/7-2.
De overlevering wordt verzocht ten behoeve van de tenuitvoerlegging van een vrijheidsstraf voor de duur van één jaar, door de opgeëiste persoon te ondergaan op het grondgebied van de uitvaardigende lidstaat. De vrijheidsstraf is aan de opgeëiste persoon opgelegd bij het hiervoor genoemde vonnis.
Dit vonnis betreft het feit zoals dat is omschreven in het EAB. [3]
3.1
Weigeringsgrond als bedoeld in artikel 12 OLW Pro
De raadsvrouw heeft zich primair op het standpunt gesteld dat de overlevering op grond van artikel 12 OLW Pro moet worden geweigerd, omdat de verstrekte verzetgarantie niet onvoorwaardelijk is en er geen reden is om af te zien van weigering. Er is namens de opgeëiste persoon in Hongarije een verzoek tot herziening is gedaan en onduidelijk is hoe (een nog te nemen beslissing in) die procedure zich verhoudt tot de gegeven verzetgarantie. Subsidiair heeft de raadsvrouw verzocht om de behandeling van de zaak aan te houden om hierover duidelijkheid van de Hongaarse autoriteiten te krijgen.
De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat de overlevering kan worden toegestaan. De verzetgarantie is onvoorwaardelijk, zoals de rechtbank eerder in soortgelijke gevallen heeft geoordeeld. De officier van justitie heeft zich verzet tegen aanhouding van de behandeling van de zaak.
De rechtbank stelt vast dat het EAB strekt tot de tenuitvoerlegging van een vonnis terwijl de verdachte niet in persoon is verschenen bij het proces dat tot die beslissing heeft geleid en dat - kort gezegd - is gewezen zonder dat zich één van de in artikel 12, sub a tot en met c, OLW genoemde omstandigheden heeft voorgedaan.
Op grond van artikel 12, sub d, OLW mag de rechtbank in dit geval de overlevering niet weigeren, als de uitvaardigende justitiële autoriteit heeft vermeld dat:
( i) het betreffende vonnis na overlevering onverwijld aan de opgeëiste persoon zal worden betekend en hij uitdrukkelijk zal worden geïnformeerd over zijn recht op een verzetprocedure of een procedure in hoger beroep, waarbij hij het recht heeft aanwezig te zijn, waarop de zaak opnieuw ten gronde wordt behandeld en nieuw bewijsmateriaal wordt toegelaten, die kan leiden tot herziening van het oorspronkelijke vonnis en
( ii) de opgeëiste persoon wordt geïnformeerd over de termijn waarbinnen hij verzet of hoger beroep dient aan te tekenen, als vermeld in het desbetreffende Europees aanhoudingsbevel.
Het EAB vermeldt in het EAB in onderdeel d):
“- the person will be personally served with this decision without delay after the surrender: and
- when served with the decision. the person will be expressly informed of his or her right to a retrial or appeal, in which he or she has the right to participate and which allows the merits of the case, including fresh evidence, to be re-examined, and which may lead to the original decision being reversed: and
- the person will be informed of the timeframe within which he or she has to request a retrial or appeal, which will be 1 month from the day when the person became aware of the underlying decision becoming final and binding.”
Gelet op het vertrouwensbeginsel gaat de rechtbank uit van de juistheid van die informatie. Naar het oordeel van de rechtbank voldoet deze verklaring aan de eisen van artikel 12, sub d, OLW en doet de in dit artikel bedoelde weigeringsgrond zich niet voor. Het feit dat namens de opgeëiste persoon inmiddels een herzieningsprocedure in Hongarije is gestart, doet daaraan niet af. De rechtbank ziet geen aanleiding om de behandeling van de zaak aan te houden en nadere vragen te stellen. Het verweer van de raadsvrouw wordt verworpen.

4.Strafbaarheid

Feit waarvoor dubbele strafbaarheid is vereist
De uitvaardigende justitiële autoriteit heeft het feit niet aangeduid als een feit waarvoor het vereiste van toetsing van dubbele strafbaarheid niet geldt. Overlevering kan in dat geval worden toegestaan, indien voldaan wordt aan de kaderbesluitconform uitgelegde eisen die in artikel 7, eerste lid, aanhef en onder b, OLW juncto artikel 7, eerste lid, onder a 2°, OLW zijn neergelegd.
De rechtbank stelt vast dat hieraan is voldaan.
Het feit levert naar Nederlands recht op:
diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van braak.

5.Slotsom

De rechtbank stelt vast dat het EAB voldoet aan de eisen van artikel 2 OLW Pro, er een garantie is gegeven als bedoeld in artikel 12 sub d OLW Pro. Verder staan geen weigeringsgronden aan de overlevering in de weg en is geen sprake van een geval waarin aan het EAB geen gevolg mag worden gegeven. Om die reden staat de rechtbank de overlevering toe.

6.Toepasselijke wetsbepalingen

De artikelen 311 Wetboek van Strafrecht, en 2, 5, 7 en 12 OLW.

7.Beslissing

STAAT TOEde overlevering van
[opgeëiste persoon]aan
the Miskolc Regional Court, Penitentiary Unit, Hongarije, voor het feit zoals dat is omschreven in onderdeel e) van het EAB.
Deze uitspraak is gedaan door
mr. M. van Mourik, voorzitter,
mrs. O.P.M. Fruytier en A.K. Glerum, rechters,
in tegenwoordigheid van mr. E.A. Harland, griffier,
en in het openbaar uitgesproken op de zitting van 12 december 2023.
Ingevolge artikel 29, tweede lid, OLW staat tegen deze uitspraak geen gewoon rechtsmiddel open.

Voetnoten

1.Zie artikel 23 Overleveringswet Pro.
2.Zie artikel 22, eerste en derde lid, OLW.
3.Zie onderdeel e) van het EAB.