Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Vrijspraak
4.Beslag
5.Beslissing
het ten laste gelegde niet bewezenen
spreekt verdachte daarvan vrij.
rechthebbendeaan te merken persoon van:
Rechtbank Amsterdam
Op 2 januari 2024 heeft de rechtbank Amsterdam verdachte vrijgesproken van het medeplegen van witwassen van 35 telefoons en een geldbedrag van €630. Verdachte werd aangehouden in een hotelkamer waar de telefoons en het geld werden aangetroffen, maar de rechtbank kon niet vaststellen dat verdachte wetenschap had van de aanwezigheid van de telefoons of dat hij daarmee kon beschikken.
De officier van justitie stelde dat de telefoons en het geld afkomstig waren uit misdrijf en dat verdachte deel uitmaakte van een samenwerkingsverband van acht personen uit Senegal. De verdediging voerde aan dat er geen bewijs was dat verdachte wist van de telefoons en dat het geldbedrag niet leidde tot een witwasvermoeden.
De rechtbank oordeelde dat het vermoeden van samenwerking niet voldoende was onderbouwd en dat de verklaringen van verdachte en een getuige steun gaven aan het ontbreken van wetenschap. Het geldbedrag werd als eigendom van verdachte erkend zonder aanwijzingen dat het uit misdrijf afkomstig was.
De rechtbank gelastte de teruggave van het geldbedrag en andere in beslag genomen voorwerpen aan verdachte of aan de rechthebbende. Hiermee werd het ten laste gelegde niet bewezen verklaard en werd verdachte vrijgesproken.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens ontbreken van wetenschap en onvoldoende bewijs voor witwassen.