ECLI:NL:RBAMS:2024:1382
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling omgevingsvergunning voor uitbouw en kelderbouw in Amsterdam
De rechtbank Amsterdam behandelt het beroep van twee omwonenden tegen een omgevingsvergunning verleend aan de vergunninghouder voor het onderkelderen en uitbouwen van een pand in Amsterdam. Het bouwplan wijkt af van het bestemmingsplan, maar betreft een kruimelgeval waarbij afwijking is toegestaan.
Eisers betwisten de belanghebbendheid van de vergunninghouder en wijzen op privaatrechtelijke belemmeringen, met name rondom mandelige muren en funderingsherstel. De rechtbank oordeelt dat de vergunninghouder wel degelijk belanghebbende is en dat vervangende toestemming via de civiele rechter kan worden verkregen, waardoor geen sprake is van een evident privaatrechtelijke belemmering.
Daarnaast uiten eisers zorgen over mogelijke schade aan hun panden door kelderbouw, gebaseerd op deskundigenrapporten. De rechtbank stelt dat het bouwplan voldoet aan het Bouwbesluit 2012 en dat de vrees voor scharnierwerking onvoldoende is onderbouwd.
Ten aanzien van grondwaterneutraal bouwen en het Rainproof beleid is het overgangsrecht van toepassing, zodat de nieuwe beleidskaders niet op deze vergunning van toepassing zijn. De bezwaren over damwanden worden verworpen omdat deze onderdeel zijn van de vergunning en aan de voorschriften voldoen.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond, wijst de proceskosten af en bevestigt dat het college de vergunning terecht heeft verleend.
Uitkomst: Het beroep tegen de omgevingsvergunning wordt ongegrond verklaard en de vergunning blijft van kracht.