ECLI:NL:RBAMS:2024:1475
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke boete voor schending meldplicht vakantieverhuur woonruimte gematigd wegens termijnoverschrijding
Eiseres verhuurde haar woning in Amsterdam voor twee nachten zonder vooraf melding te maken, wat in strijd is met de meldplicht uit de Huisvestingswet 2014. Verweerder legde haar hiervoor een bestuurlijke boete van €6000 op, die na bezwaar werd gematigd tot €3000 volgens nieuw matigingsbeleid.
De rechtbank oordeelt dat het boetebeleid proportioneel is en rekening houdt met de zwaarte van overtredingen en eerdere overtredingen. De stelling van eiseres dat het beleid geen ruimte laat voor achteraf melden wordt verworpen omdat dit de effectiviteit van de meldplicht ondermijnt.
Hoewel eiseres geen bijzondere omstandigheden heeft gesteld die matiging rechtvaardigen, is de redelijke termijn van twee jaar voor de afhandeling van de zaak met veertien maanden overschreden door de ontwikkeling van het matigingsbeleid. Daarom wordt de boete met 10% verminderd tot €2700.
De rechtbank vernietigt het gedeeltelijk herziene besluit, herroept het primaire besluit en stelt de boete definitief vast op €2700. Daarnaast moet verweerder het griffierecht en proceskosten aan eiseres vergoeden.
Uitkomst: De bestuurlijke boete wordt gematigd van €3000 naar €2700 wegens overschrijding van de redelijke termijn.