Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER
1.Beoordeling
2.Beslissing
[opgeëiste persoon]voor het feit zoals vermeld in het verzoek.
Rechtbank Amsterdam
De rechtbank Amsterdam heeft op 29 mei 2024 een beslissing genomen op een verzoek van de officier van justitie tot uitbreiding van de vervolging van een overgeleverde persoon, geboren in 2000 te Bulgarije en thans gedetineerd in Nederland. Dit verzoek is gebaseerd op een Europees aanhoudingsbevel uitgevaardigd door het Amtsgericht Lüneburg (Duitsland) op 24 januari 2024.
De rechtbank heeft vastgesteld dat het verzoek voldoet aan de vereisten van artikel 8 van Pro het Kaderbesluit 2002/584/JBZ en dat de overgeleverde persoon de mogelijkheid heeft gehad om zijn opmerkingen en bezwaren kenbaar te maken. Tijdens het verhoor op 9 april 2024 heeft de overgeleverde persoon verklaard akkoord te gaan met de uitbreiding van de vervolging en geen bezwaren geuit.
De feiten betreffen het huren van een Renault-bestelwagen op 25 november 2022 in Marxen en het vervolgens vervoeren naar Roemenië in strijd met de gemaakte afspraken. De rechtbank concludeert dat de overlevering voor dit feit krachtens de Overleveringswet had kunnen worden toegestaan en wijst het verzoek daarom toe.
De beslissing is genomen door de voorzitter en twee rechters, in aanwezigheid van griffiers, en is gebaseerd op de relevante jurisprudentie van het Hof van Justitie van de Europese Unie van 26 oktober 2021.
Uitkomst: De rechtbank verleent toestemming voor uitbreiding van de vervolging van de overgeleverde persoon.